De Israëlische professor David Levy heeft na twintig jaar onderzoek een aardappelstam gekweekt die zich kan handhaven in de extreme condities in het Midden-Oosten. De aardappel past zich aan aan het droge klimaat, maar kan bovendien wordt geïrrigeerd met zout water. Of hiermee echte concurrentie komt voor het Nederlandse exportras Spunta is maar zeer de vraag gezien de kwaliteit en logistieke know-how van onze pootgoedsector.
De superaardappel kan in tegenstelling tot de huidige rassen in de meest hete en droge gebieden in Israel worden geteeld. Volgens de professor zijn de meeste rassen die wereldwijd worden verkocht veredelt in Europa. ‘In het noordelijke gematigde klimaat geven ze ook goede opbrengsten, maar ze zijn gevoelig voor droogte en kunnen niet worden geteeld in gebieden boven de 30 graden Celsius.’
Levy ontwikkelde elf types die goed reageren op temperaturen van 35 tot 40 graden Celsius zonder dat er gevolgen zijn voor smaak, opbrengst en droge stofgehalte. Zo is de variant Joshua geschikt voor droge snacks en zijn Zohar en Nitza geschikt voor frituren. Er wordt nu hard gewerkt om de rassen op de markt te kunnen brengen.
Door die ontwikkeling kan de sociaaleconomische status van de hele regio radicaal wijzigen. Er zouden al wetenschappers samen komen uit Jordanië, Egypte, Libanon, Israël en Marokko om kennis te delen en bruggen te bouwen in informatie en technologie. De superaardappel geeft lokale boeren de kans niet alleen hun eigen gewassen te telen, maar geeft hen mogelijk ook toegang tot de markt.
© DCA Market Intelligence. Op deze marktinformatie berust auteursrecht. Het is niet toegestaan de inhoud te vermenigvuldigen, distribueren, verspreiden of tegen vergoeding beschikbaar te stellen aan derden, in welke vorm dan ook, zonder de uitdrukkelijke, schriftelijke, toestemming van DCA Market Intelligence.