Shutterstock

Inside Rente

Diep verdeeld ECB prikkelt grilligheid financiële markt

27 September 2019 - Edin Mujagic

De besluiten van de Europese Centrale Bank (ECB) eerder deze maand hebben tot frictie geleid in de bestuurslagen van de bank. Het verder verlagen van de rente en opnieuw beginnen met het opkopen van obligaties – en zo de langetermijnrentes laag houden of verder omlaag te drukken – kon duidelijk niet rekenen op ieders instemming. Wat betekent dit?

Dit artikel verder lezen?

Word abonnee en krijg direct toegang

Kies het abonnement dat bij je past
Heb je een tip, suggestie of opmerking naar aanleiding van dit artikel? Laat het ons weten

Klaas Knot, het Nederlandse bestuurslid van de ECB, publiceerde een dag na het besluit een verklaring. Daarin nam de president van de Nederlandse centrale bank (DNB) afstand van de ECB-besluiten, een zeer ongebruikelijke stap in de monetaire wereld. In totaal waren 7 van de 25 bestuursleden (volgens sommige bronnen zelfs 12 van de 25) tegen de genoemde besluiten.

De spanningen binnen het bestuur bleven hoog, zeker nadat Mario Draghi, de president van de ECB, de openlijke kritiek eerder deze week in het Europees Parlement als 'gevaarlijk' omschreef. Zelfs als de Italiaan gelijk heeft; minstens zo gevaarlijk voor de ECB is zijn regenteske stijl.

Spanningen hoogtepunt
De spanningen bereikten deze week een nieuw hoogtepunt, toen op 25 september het Duitse bestuurslid Sabine Lautenschläger bekend maakte de ECB per 31 oktober te verlaten. Haar benoemingstermijn loopt nog tot begin 2022. Lautenschläger is lid van het zeskoppig dagelijks bestuur van de ECB. Het voltallige bestuur bestaat uit het dagelijks bestuur en de presidenten van de centrale banken van de eurolanden. Daarmee is ze de derde Duitse centrale bankier die opstapt bij de ECB. In 2011 gingen haar landgenoten Axel Weber (in februari) en Jürger Stark (in september) haar voor.

Lautenschläger gaf in het perscommuniqué geen reden aan voor haar vertrek. Dat wijst erop dat zij de bank verlaat, omdat het beleid en de beleidsplannen van de ECB indruisen tegen haar monetaire principes. Net als dat het geval was bij haar eerder genoemde twee landgenoten in 2011.

Saamhorigheid beschadigd
Het vertrek van Lautenschläger is het beste bewijs dat het nalatenschap van Draghi, die eind oktober vertrekt, niet iets is om trots op te zijn. De saamhorigheid en collegialiteit van het ECB-bestuur, ontstaan onder de presidenten Duisenberg en Trichet, is ernstig beschadigd door zijn leidinggevende stijl. Onder zijn bewind is het bestuur diep verdeeld geraakt.

Dat alles kan van invloed zijn op het toekomstig monetair beleid. Maar ook, wellicht belangrijker, op hoe de financiële markten met de ECB omgaan. Het is bijvoorbeeld goed voor te stellen dat ze voortaan heftiger reageren op interviews en uitspraken van andere leden van het bestuur dan de president alleen. De verdeeldheid is immers zo groot dat de meningen van individuele bestuursleden net zo goed de verwachtingen over het beleid kunnen beïnvloeden.

Aangezien de ECB 25 bestuursleden kent, betekent dat dat elke week wel ergens één van hen een interview geeft of een voordracht houdt. Als de markt inderdaad meer aandacht gaat hebben daarvoor, kan die kakofonie van geluiden tot meer volatiliteit en meer onzekerheid op de financiële markten leiden.

Kansen voor vliegende start
Het effect van de periode Draghi kan wel eens zijn dat de financiële markten minder zeker worden en blijven over de koers van de ECB. Dit biedt wel de kans voor zijn opvolgster Christine Lagarde om een vliegende start te maken. Als zij vanaf dag één rekening gaat houden met de tegenstanders van het huidige beleid, kan ze de saamhorigheid van het bestuur herstellen.

Voor de toekomst van de euro en het gedrag van de financiële markten in de eurozone zou dat goed nieuws zijn. De eerste weken van Lagarde als de hoogste monetaire baas van Europa zijn dus belangrijk. Ze kunnen doorslaggevend zijn voor hoe succesvol haar 8-jarige presidentschap wordt.

Ondertussen geldt dat de rentes van alle looptijden in zo’n omgeving historisch laag blijven. Opwaartse druk erop kan in theorie komen uit stijgende inflatie, hogere groei en een heel ander ECB-beleid. Het eerste is niet te verwachten, net als het laatste. En de economische groei in de eurozone, met name in Duitsland, staat eerder onder neerwaartse dan opwaartse druk.

Regenradar
Powered by Agroweer

Blijf op de hoogte

Schrijf je in en ontvang elke dag het laatste nieuws in je inbox