De Nederlandse pootaardappelexport is de eerste maanden rustiger gestart dan normaal. Tot en met december is – behoudens droogtejaar 2018 en de natte herfst in 2023 – de kleinste hoeveelheid in jaren geëxporteerd. De export naar Afrika is desondanks aanzienlijk groter dan in de afgelopen twee jaar.
De teller van de Nederlandse pootgoedexport blijft voorlopig steken op 309.377 ton, blijkt uit een overzicht van de Nederlandse Aardappel Organisatie (NAO). Met Algerije zijn qua volume heel goede zaken gedaan. Het land heeft al meer dan 80.000 ton Nederlands pootgoed afgenomen. Er is sprake van een gezonde vraag naar pootgoed in deze gesloten markt voor consumptieaardappelen.
Ook buurland Libië is nadrukkelijk aan de markt met een import van bijna 14.000 ton Nederlands pootgoed. De Libiërs hebben daarmee een dubbele hoeveelheid ingeslagen ten opzichte van het gemiddelde in de afgelopen vijf jaar. Voor de Libiërs waren de Spunta's de afgelopen jaren te duur. Nu de prijzen fors lager liggen, grijpen zij hun kans.
Nog een stapje verder naar het oosten valt de afzet echter flink tegen. Egypte is de afgelopen vijf jaar goed voor een aankoop van 33.000 ton Nederland pootgoed, maar dat blijft nu 10.000 ton lager steken op 23.000 ton. Bovendien zijn ook de prijzen die de Egyptenaren voor nieuw uitgangsmateriaal willen betalen fors lager dan in de afgelopen jaren. Vorig jaar is er wat te veel pootgoed naar Egypte gegaan en dat merken de leveranciers nu.
De totale export naar Afrika komt eind december uit op 153.355 ton. Dat is ondanks de kleinere afzet in Egypte zo'n 18.000 ton meer dan vorig jaar. Vorig jaar was de Afrikaanse kooplust een fractie kleiner dan het vijfjarig gemiddelde, dit jaar ligt de afzet daar 13% boven.
In Azië valt vooral het herstel in de export naar Syrië op. Na de val van het Assad-regime is de pootgoedexport naar Syrië weer flink aangetrokken. In de afgelopen maanden is er bijna 10.000 ton naar toe gegaan. Dat is weliswaar nog niet zo veel als de 14.000 ton in 2022, maar het is vele malen meer dan de 1.700 ton in 2024. Door de komst van een nieuw regime is het weer makkelijker geworden om pootgoed naar het land te verschepen.
Belangrijke afnemers als Saoedi-Arabië, Libanon, Pakistan, Israël en Irak kopen echter minder nieuw uitgangsmateriaal. Daardoor blijft de totale afzet naar Azië zo'n 4.000 ton (5%) achter bij vorig jaar. Per eind december staat de tussenstand in de export naar Azië op 74.146 ton. Dat is een kwart minder dan de ruim 100.000 ton die eind 2022 naar dit werelddeel ging.
Rekening nog niet betaald
In de exportcijfers naar Amerika valt vooral Cuba op. Vele jaren is dit land afnemer geweest van zo'n 10.000 ton per seizoen. Dit jaar gaat er geen kilo heen. Dat komt omdat de staatsinkoper de rekeningen van vorig jaar niet heeft betaald. De export naar Amerika blijft daardoor tot nog toe steken op minder dan 8.000 ton.
In Europa zijn afnemers afwachtend. Fritesfabrikanten als Clarebout (Simplot) hebben weliswaar al wat pootgoed ingeslagen, maar verder is het rustig. Vooral Duitsland, Cyprus en Spanje hebben tot nog toe minder pootgoed afgenomen. In totaal is binnen Europa 74.000 ton pootgoed afgeleverd, blijft uit NAO-cijfers. Dat is 13.000 ton minder dan vorig jaar.
Het is echter nog vroeg in het seizoen voor uitleveringen aan aardappeltelers in Europa. De verwachting is dat de aardappelarealen in Noordwest-Europa wat kleiner uitvallen, maar deze krimp levert bij lange na niet de door sommige organisaties gehoopte teruggang van 15% op.