De aardappelverwerking blijft sinds de jaarwisseling flink onder druk staan. Vooral de afzet van Nederlandse aardappelen hapert. Lees meer over verwerking en herkomst van aardappelen.
De lijn die verwerkers sinds de jaarwisseling hebben ingezet, blijft daarmee intact. In januari lag de verwerking 16% lager dan in 2025, in februari bedroeg het verschil 14%. Deze daling is relatief beperkt. De grootste verandering zit in de herkomst van de grondstof.
In maart kwam 105.200 ton van de aardappelen uit het buitenland. Dat is 9% minder dan een jaar eerder, blijkt uit gecorrigeerde cijfers van de Vavi. In eerste instantie kwam de Vavi met cijfers naar buiten waaruit bleek dat er meer importaardappelen zijn verwerkt.
Die verwerking van Nederlandse daalde met 15% naar 196.600 ton. Normaal neemt het aandeel Nederlandse aardappelen in de tweede helft van het seizoen toe tot boven de 60%. Daar is dit jaar geen sprake van. In maart was minder dan 60% van de aangevoerde aardappelen van Nederlandse oorsprong.
De productie van voorgebakken product daalde vorige maand met 10% tot 145.800 ton. Bij overige producten is wel groei zichtbaar. Na een scherpe daling in januari herstelde de productie in februari, waarna deze stijging in maart doorzette. Ten opzichte van 2025 is 4,2% meer overig product gemaakt.
De daling in de totale productie komt daarmee uit op 8% in maart. In de eerste twee maanden van 2026 lag deze teruggang rond 11%.