De aardappelgroei blijft achter en het aandeel grove knollen is relatief beperkt. Regionale verschillen zijn groot. Lees meer over de groei en grofte van aardappelen.
Aviko benadrukt dat deze cijfers zijn gebaseerd op bruto-opbrengsten en daardoor niet één-op-één vergelijkbaar zijn met andere opbrengstcijfers. Afhankelijk van onder meer perceelsgrootte, spuitsporen, kopakkers, etc. moet hier zeker nog circa 15% op gecorrigeerd worden. Daarmee zou de gemiddelde netto-opbrengst uitkomen op 42,5 ton per ha.
De landelijke gemiddelden verhullen volgens producentenorganisatie POC grote regionale verschillen. Het groeimodel van POC dat rekent met netto-opbrengsten komt nu uit op circa 40 ton per hectare in Groningen, tegenover slechts ongeveer 20 ton in Zeeland. In Flevoland en verder naar het zuiden behoren de gemodelleerde opbrengsten volgens POC tot de laagste van de afgelopen twintig jaar. In het noorden ligt de ontwikkeling meer in de buurt van het droge jaar 2018.
Vooral in de zuidelijke helft van Nederland is de bladindex inmiddels sterk teruggelopen. Daardoor verwacht POC daar nauwelijks nog nagroei. In het noorden is de bladbedekking eveneens over de piek heen, maar kan bij voldoende vocht nog wel enige groei plaatsvinden. De regen van de afgelopen periode komt voor een deel van de percelen daarmee nog op tijd, maar voor vroeg afgerijpte gewassen nauwelijks meer.
Weinig grove aardappelen
Een ander opvallend punt is het hoge knolaantal per plant. Dat blijkt ook uit de cijfers van Aviko. Volgens POC zorgt dat ervoor dat maar een beperkt deel van de aardappelen in de sortering boven 50 millimeter terechtkomt. De beschikbare proefrooiingen bevestigen volgens de organisatie dat beeld.
De Aviko-cijfers laten verder zien dat de grofte de afgelopen weken weliswaar licht is toegenomen, maar nog steeds fors achterblijft ten opzichte van wat gebruikelijk is voor de tijd van het jaar. In week 34 zit ongeveer 65% van de aardappelen boven 50 millimeter. Vergeleken met meerdere eerdere seizoenen blijft het percentage laag. Normaal gesproken is 80 tot 85% van de aardappelen in week 34 grover dan 50 millimeter.
Het onderwatergewicht neemt ook gestaag toe. Aviko heeft in de afgelopen week gemiddeld 390 gram gemeten. Dat is voor week 34 bovengemiddeld.
De cijfers van Aviko en het groeimodel van POC zijn niet een-op-een met elkaar te vergelijken. Aviko baseert zich op wekelijkse proefrooiingen, terwijl POC met een groeimodel werkt waarin onder meer vocht, licht, temperatuur en plantdatum worden meegenomen. Het model houdt bijvoorbeeld geen rekening met ziektedruk of plaatselijke waterschade.
Contractvolume
Voor de totale Nederlandse aardappeloogst speelt bovendien mee dat het areaal dit seizoen kleiner is. POC stelt dat daardoor al vroeg duidelijk was dat de oogst lager zou uitvallen. Dat de droogte de groei vervolgens zo sterk zou afremmen, was minder voorzien. Voor sommige telers kan daardoor de vraag ontstaan of zij voldoende aardappelen hebben om hun contractvolume volledig te leveren.
De komende weken moet blijken hoeveel groei er op de nog groene percelen bijkomt. Vooral in het noorden zit daar nog ruimte voor. In delen van het zuiden lijkt het groeiseizoen grotendeels voorbij. De regen helpt daar vooral bij het rooien, maar levert nauwelijks nog extra kilo's op.