Maleisië wil zijn afhankelijkheid van geïmporteerde uien in de komende jaren fors terugdringen. Een door de overheid ondersteund teeltprogramma moet de import tegen 2030 met 30% verminderen en tegelijkertijd de inkomenspositie van boeren versterken.
Dat bevestigde het Maleisische ministerie van Landbouw en Voedselzekerheid vorige week tijdens een veldbezoek in de staat Kelantan. Momenteel importeert het land vrijwel 100% van zijn uienbehoefte. De jaarlijkse importwaarde bedraagt meer dan 1 miljard ringgit (ruim €200 miljoen).
Op dit moment is Maleisië een van de belangrijkste afnemers in Nederlandse uien. In de eerste week van februari ging bijna 1.000 ton Nederlandse uien die kant op. Dit seizoen heeft het land inmiddels 28.000 ton uien hier gekocht en dat is 16% meer dan in dezelfde periode van vorig jaar.
Van ambitie naar uitvoering
De doelstelling om de uienimport met 30% te verlagen, is niet helemaal nieuw. In september 2025 sprak het Malaysian Agricultural Research and Development Institute (Mardi) al de ambitie uit om via een gestructureerd lokaal zaadprogramma de afhankelijkheid van rode uienimport terug te dringen. Toen lag de nadruk sterk op onderzoek, proefprojecten en het opbouwen van een binnenlandse zaadketen.
In de nieuwe berichtgeving verschuift het accent duidelijk van onderzoek naar implementatie. Het ministerie benadrukt nu dat er concrete veldprojecten lopen en dat meerdere instanties betrokken zijn bij de opschaling. Daarmee krijgt het plan een meer operationeel karakter.
Aantrekkelijk voor boeren
Volgens het ministerie hebben uien een relatief korte teeltcyclus van ongeveer twee maanden. Dat maakt het gewas aantrekkelijk voor boeren die snel rendement willen zien. Bij een cyclus van twee maanden kan dit gewas volgens de overheid uitgroeien tot een 'productieve en commercieel levensvatbare' teelt.
Waar in september vooral werd gewezen op succesvolle pioniers, wordt nu sterker ingezoomd op het bredere inkomenspotentieel voor boeren en de bijdrage aan nationale voedselzekerheid. De teelt is inmiddels niet meer beperkt tot één proeflocatie. In Sabah wordt ongeveer 8 hectare ingezaaid, terwijl ook in Pahang projecten lopen als voorbereidende stap voor verdere uitbreiding.
Mardi blijft verantwoordelijk voor onderzoek en technologische ondersteuning, terwijl uitvoerende instanties zoals het departement van Landbouw en boerenorganisaties de uitrol in het veld coördineren. Daarmee lijkt de overheid te willen voorkomen dat een gebrek aan zaaizaad of technische kennis de groei afremt — een aandachtspunt dat in september al werd genoemd, maar nu explicieter wordt gekoppeld aan nationale uitrol.
Breder voedselzekerheidsbeleid
De uienteelt past in een bredere strategie om de afhankelijkheid van ingevoerde basisproducten te verkleinen. Naast uien noemt het ministerie ook maïs en vlees als producten waar Maleisië sterk leunt op buitenlandse aanvoer
Door de productie gefaseerd op te voeren wil de regering het risico op internationale verstoringen beperken en de handelsbalans verbeteren. Waar in september nog vooral werd gesproken over potentie en proefresultaten, spreekt de overheid nu expliciet over 'succesverhalen in het veld' die andere boeren moeten overtuigen.