Wat de tonnen die over de sorteerlijn gaan betreft, is er geen reden tot klagen. Of er veel volume gedraaid kan worden is voor veel verwerkers een belangrijke graadmeter in de uienmarkt. Lees hier meer over de Baalprijzen.
Senegal en Ivoorkust zijn zeer bepalend voor de stemming op de Nederlandse markt, zo blijkt deze weken maar weer. Beide landen zijn goed aan de markt. Verwerkers hebben de klanten voor het uitkiezen bij wijze van spreken. De kwaliteit is en blijft wel een punt van zorg. Controles op product voor export zijn terecht streng. Een twijfelachtige partij bij de teler lopen verschillende verwerkers dan ook liever voorbij.
Handel op de boer loopt door en de markt blijft redelijk in evenwicht. Verschillende boeren willen verkopen maar moeten wel even slikken van wat sommige handelaren neer willen tellen. Als je een bod van €25 hebt gehad voor af land voor een fijne partij en je krijgt nu €30 geboden dan is net het in- en uitschuren betaald.
Gokje wagen of niet?
Het aandeel fijnere uien is dit seizoen relatief groot. Zowel telers als verwerkers zijn zich daarvan bewust. Met goed en grof kun je een gokje wagen later in het seizoen, maar met echte Afrika-geschikte uien kun je je minder permitteren, geven insiders aan.
Sommige exporteurs maken zich wel een beetje zorgen over hoe afhankelijk we zijn van de afzet naar West-Afrika deze weken. De voorbije weken gaat per week toch zo een 35% à 40% naar Senegal en Ivoorkust. Mochten ze daar even op de rem trappen om wat voor een reden dan ook, dan merken de Nederlandse exporteurs dat direct. De vraag die eerder dit seizoen erg breed was, is in die zin wel wat smaller geworden. Aan de andere kant worden er nu ook fors meer tonnen geëxporteerd.
Dat de vraag naar uien in belangrijke mate uit Afrika komt, kunnen we in de DCA Baalprijs ook terug zien. Het zijn namelijk de middels die best een stap zetten deze week. Voor grof en helemaal voor supers is het lastiger een stap te zetten.