De fosfaatproductie in de veehouderij blijft boven het plafond, terwijl stikstofproductie net binnen de norm blijft. Veranderingen in melkproductie en voer beïnvloeden de uitstoot. Lees meer over fosfaat- en stikstofproductie.
Sinds 2025 gelden als gevolg van de derogatiebeschikking van de Europese Commissie lagere productieplafonds voor de Nederlandse veehouderij. Het stikstofplafond bedraagt 440 miljoen kilogram en het fosfaatplafond 135 miljoen kilogram.
Volgens de meest recente berekening komt de stikstofexcretie van de gehele veestapel uit op 438 miljoen kilogram. Daarmee blijft de sector 0,4% onder het toegestane maximum. De fosfaatexcretie wordt geraamd op 139 miljoen kilogram, wat neerkomt op een overschrijding van 2,7% van het plafond.
Hogere melkproductie verhoogt stikstofuitstoot
Ten opzichte van de vorige kwartaalrapportage is vooral de stikstofexcretie gestegen. De belangrijkste oorzaak ligt bij een hogere melkproductie per koe en een hoger stikstofgehalte in het ruwvoer. Hoewel het aantal melkkoeien in het eerste kwartaal van 2026 met 0,6% daalde, werd dit effect meer dan gecompenseerd door de hogere productie en gewijzigde voersamenstelling.
De fosfaatproductie van melkvee zakte volgens de rapportage ten opzichte van het laatste kwartaal van 2025 met 1,7 miljoen kilo naar 73,3 miljoen kilo. Bij de overige diercategorieën daalde de productie niet, waardoor de totale fosfaatexcretie nog niet onder het productieplafond komt.
De berekeningen zijn gebaseerd op de actuele omvang van de rundveestapel volgens het I&R-register per 1 april 2026 en de meest recente gegevens over voer, melkproductie en dieraantallen. Voor verschillende diercategorieën en voergegevens zijn nog voorlopige cijfers gebruikt, waardoor de uiteindelijke excretie voor 2026 aanzienlijk kan afwijken.
Definitieve berekening
De definitieve berekening van de fosfaat- en stikstofexcretie vindt jaarlijks plaats door het CBS op basis van de Landbouwtelling en de excretiefactoren van de Werkgroep Uniformering berekening Mest- en mineralencijfers (WUM). De definitieve cijfers over 2025 worden eind deze maand verwacht.