Shutterstock

Inside Rente

Lagere groei in eurozone betekent langer lage rentes

8 Februari 2019 - Edin Mujagic

De Europese Commissie publiceerde afgelopen week nieuwe ramingen voor de economische groei in 2019 en 2020. Brussel voorziet dit jaar een groei van 1,3% in de eurozone, terwijl er eerder werd uitgegaan van 1,9%.

Dit artikel verder lezen?

Word abonnee en krijg direct toegang

Kies het abonnement dat bij je past
Heb je een tip, suggestie of opmerking naar aanleiding van dit artikel? Laat het ons weten

Het bovenstaande zal ongetwijfeld bijdragen aan het feit dat de Europese Centrale Bank (ECB) haar monetaire beleid nog lang zeer ruim houdt. Dat is op korte termijn goed nieuws voor de financiële markten. Echter, de schaduwzijde is dat de begrotingstekorten in de eurolanden (zonder enig ingrijpen) hoger gaan uitvallen dan eerder werd verwacht. Dit omdat bij het opstellen van de ramingen over de inkomsten en uitgaven uitgegaan is van een aanmerkelijk hogere groei (en dus hogere inkomsten en lagere overheidsuitgaven). 

Spanningen rondom Italië
In het licht van de spanningen tussen Rome en Brussel is de behoorlijke bijstelling van de groeivooruitzichten potentieel een grote bron van zorg voor de markten. Ik zie bijvoorbeeld niet in hoe de regering in Rome het tekort voor dit jaar in de buurt van het afgesproken percentage (2,04%) kan houden zonder ingrepen aan de inkomsten- of uitegavenkant.

Er zijn echter 2 zaken die ervoor kunnen zorgen dat de spanningen gaan uitblijven. In de eerste plaats zijn dat de Europese verkiezingen van mei 2019. Het laatste dat Brussel wil, is namelijk wind in de zeilen van de populisten blazen. En om nu maar meteen van Italië diverse ingrijpen te eisen, en in het kielzog daarvan ook van andere landen, zou juist dat tot gevolg hebben. 

In de tweede plaats speelt eveneens het feit dat Italië in een recessie zit sterk mee. Hoewel de recessie (nog) niet diep genoeg is om de Europese begrotingsafspraken op te schorten voor het land, leert de ervaring dat Brussel zodanig flexibel is dat deze Rome voorlopig met rust zal laten.

Duitsland verleent steun
Wat gunstig kan zijn voor de economische groei in de eurozone, is dat de Duitse regering nu wellicht gedwongen zal zijn om de economie fiscaal te stimuleren. In Duitsland lijkt de groei namelijk aanmerkelijk lager uit te komen dan eerder werd voorspeld. Berlijn boekte in de afgelopen jaren doorgaans een overschot op de begroting of kwam uit op een begrotingsevenwicht. Een fiscale stimulans in Duitsland zou de groei in de gehele muntunie aanjagen. 

Wanneer ik dat allemaal op 1 hoop gooi, zou het mij niets verbazen als er de komende tijd speculatie ontstaat dat de ECB aan het einde van dit jaar of volgend jaar weer zal beginnen met het opkopen van bedrijfs- en staatsobligaties (quantitative easing). Daarnaast zou het mij dan ook niet verbazen als het LTRO-loket voor Europese banken langer open blijft dan eerder werd aangenomen.

Wanneer het bovenstaande gebeurt, dan is er de komende tijd per saldo een neerwaartse druk op de langetermijnrentes in de eurozone te verwachten. Ook zou het bovenstaande scenario goed nieuws zijn voor de banken uit de eurozone.

Staatsobligaties opkopen
Nu de verwachtingen over het toekomstige monetaire beleid omlaag zijn bijgesteld, de sterke eurolanden met lage rentes kampen én de eurozone elk euroland dat in problemen komt zal redden, lijken obligaties van de zwakke eurolanden (met een aantrekkelijke rente) in trek te zijn. Met het vooruitzicht op een lagere groei en eventueel een monetaire verruiming door de ECB, kunnen staatsobligaties van landen als Italië en Griekenland in waarde stijgen. Dat verklaart de recente ontwikkelingen op de kapitaalmarkt.

Onlangs meldde Griekenland zich, na jaren van afwezigheid, weer op de Europese kapitaalmarkt. Het land verkocht een 5-jarige lening van 3,6% zonder enige moeite en de emissie was 4 keer overtekend. Deze week haalde Italië €8 miljard op met een 30-jarige staatsobligatie van 3,85%. Er was zelfs belangstelling voor €41 miljard. Vorige maand leende Rome €10 miljard voor een periode van 15 jaar en de beleggers met €25 miljard extra visten achter het net. 

Italië en Griekenland zijn normaal gesproken de zwakste schakels in de euro-ketting. Dat zij er moeiteloos in slagen om geld op te halen en dat de vraag veel groter is dan het aanbod van obligaties, kan erop wijzen dat het einde van quantitative easing per 31 december vorig jaar vooralsnog geen opwaarts effect op de rentes heeft gehad. 

Wat te verwachten?
Het is dus begrijpelijk, op basis van de verlaagde groeiramingen, dat er nieuwe spanningen tussen Brussel en Rome te verwachten zijn. Dat Italië momenteel in een recessie zit, kan Brussel echter voldoende aanleiding geven om Italië deze keer met rust te laten. De komende weken moet dan ook duidelijk worden welke gevolgen de lagere groeiverwachtingen zullen hebben. 

Regenradar
Powered by Agroweer

Bel met onze klantenservice 0320 - 269 528

of mail naar support@boerenbusiness.nl

wil je ons volgen?

Ontvang onze gratis Nieuwsbrief

Elke dag actuele marktinformatie in je inbox

Aanmelden