De aardappelrooiers maken momenteel flink wat uren. Dankzij het prachtige herfstweer konden telers de afgelopen periode een flinke slag maken. Op verschillende percelen zijn de aardappelen inmiddels gerooid en daarmee komt ook de werkelijke opbrengst steeds beter in beeld. Toch blijft het verschil tussen de percelen groot.
Eigenlijk is het ongekend. Na een kurkdroge zomer zijn de rooiomstandigheden tot op de dag van vandaag bijzonder goed. Vrijwel iedere dag biedt telers de mogelijkheid om aardappelen te rooien.
Het droogterecord van 2018 is landelijk gezien niet verbroken, maar de omstandigheden tijdens de oogst vertonen wel opvallende overeenkomsten. Ook in 2018 konden telers onder uitzonderlijk droge omstandigheden lange tijd door rooien. De rooiers reden destijds tot diep in oktober door, vaak letterlijk in de stofwolken.
Grond op mat houden blijft lastig
De mooie omstandigheden hebben dan ook weer een keerzijde. Het is lastig om met deze omstandigheden voldoende grond mee de mat omhoog te krijgen. In sommige gevallen wordt dan ook de haspel weer uit de schuur getrokken. Tegelijkertijd zit vooral onder in de grond op veel plaatsen nog voldoende vocht.
Naarmate het gewas begon af te sterven, nam het steeds minder vocht op uit de bodem. De neerslag die is gevallen, blijft daardoor nu ook beter in de grond zitten. Dat merk je tijdens het rooien. Telers geven veelal aan dat de aardappelen dit jaar relatief diep weg zitten. Wanneer je daardoor dieper moet rooien, komt er van onderuit toch ook nog een vochtig kluitje mee.
Verschil tussen percelen groot
Vooral het moment waarop het gewas is afgestorven, speelt een duidelijke rol in wat er uiteindelijk uit de ruggen komt. Een aantal percelen stond begin september nog volop groen en heeft daardoor langer kunnen doorgroeien. De vraag is dan ook in hoeverre die percelen dat extra groeipotentieel uiteindelijk in kilo's weten om te zetten.
Dat het zuiden van het land het tijdens de zomer wat betreft hitte en droogte het zwaarst voor de kiezen heeft gehad, is inmiddels wel duidelijk. Toch is daarmee nog niet gezegd dat de opbrengsten op deze percelen ook fors lager uitvallen. Zo rooide Gewastour-deelnemer Gybert Doggen uit het Brabantse Wouw zijn Innovators afgelopen week. Met een opbrengst van 52 ton was hij daar naar eigen zeggen niet ontevreden over.
Het algemene beeld op dit moment klinkt vrijwel overal gelijk. Net als bij de uien komt er op veel plaatsen net wat minder van het land dan eerder werd gehoopt. In de praktijk betekent dat dat er bijna overal wel een 'autootje minder' van het land komt. Ook de sortering lijkt over het algemeen wat fijner uit te vallen. Daarnaast valt op dat de knollen over het algemeen niet bijzonder lang zijn.
© DCA Market Intelligence. Op deze marktinformatie berust auteursrecht. Het is niet toegestaan de inhoud te vermenigvuldigen, distribueren, verspreiden of tegen vergoeding beschikbaar te stellen aan derden, in welke vorm dan ook, zonder de uitdrukkelijke, schriftelijke, toestemming van DCA Market Intelligence.