Eigen foto

Gewastour Aardappelen - week 40

Wat is de potentie van groeimaand september?

Vandaag 17:05 uur - Jan Willem Veldman

September kan voor aardappelen nog een belangrijke groeimaand zijn. Maar hoeveel er daadwerkelijk nog bijgroeit, hangt sterk af van de conditie van het loof en de hoeveelheid vocht die beschikbaar is. De foto's en verhalen uit eerdere edities van de Boerenbusiness Gewastour laten grote verschillen zien. Van een gewas dat na regen nog weken doorgroeit tot aardappelen die in september al volledig op hun retour zijn. Hoe staat 2026 ertussen?

September staat vooral bekend als de rooimaand. Maar wat kan een gezond aardappelgewas in september eigenlijk nog doen? Best veel, zeker op lichtere grond waar de oogst in eerste instantie afhankelijk is van de grondsoort en het perceel dan ook vrij snel begaanbaar is.

Juist daarom is september een interessante maand. Er kan in de laatste weken nog flink wat opbrengst bijkomen, mits het gewas voldoende vitaal blijft. De vraag is dan ook niet alleen hoeveel regen er valt, maar vooral hoeveel vitaal loof er nog over is op het moment dat die regen komt.

Van droogte naar eindsprint: wat eerdere jaren leren
De eerdere Gewastour-jaren laten vooral zien hoe bepalend de laatste weken van het seizoen kunnen zijn. In 2018, toen de droogte al vroeg inzette, kwam de gemiddelde opbrengst uiteindelijk uit op 51,2 ton per hectare. Sinds week 31 was daar nog 13,5 ton bijgekomen. Er kwamen dus nog kilo's bij, maar van een echte eindsprint was geen sprake. Het gewas had te veel van zijn vitaliteit verloren.

Een jaar later bleek hoe groot het verschil kan zijn wanneer vocht en gewasconditie wél samenkomen. Na regen aan het einde van augustus volgde een groeizame periode. In vijf weken liep de gemiddelde opbrengst op van 36,7 naar 60,2 ton per hectare. In Voorst kwam er zelfs ruim 33 ton per hectare bij. De regen deed daar dus meer dan alleen het vochttekort aanvullen: het gewas was nog vitaal genoeg om die vochtvoorraad om te zetten in nieuwe kilo's.

Dat principe keert in meerdere Gewastour-jaren terug. In 2021 werd het belang van vitaal loof treffend verwoord door een toenmalig deelnemer: "Het is de kunst om het loof groen en in leven te houden." Uiteindelijk kwam er tussen de eerste en tweede proefrooiing gemiddeld nog 19,5 ton per hectare bij. Ook in 2022 konden percelen die lang groen bleven profiteren van regen in augustus en september. Gemiddeld kwam er na de eerste proefrooiing nog 11,4 ton per hectare bij, met op enkele percelen meer tonnages als nagroei.

Groen loof biedt geen garantie
Daar staat tegenover dat groen loof op zichzelf geen garantie is voor een grote nagroei. In 2023 waren verschillende percelen eind augustus nog opvallend groen en zag toenmalig deelnemer Daan Tap nog duidelijk potentie: "Het tal is wisselend, maar het groeit nu hard en er is ook nog wel potentie." Toch bleef de uiteindelijke gemiddelde opbrengst steken op 49,9 ton per hectare. De late groei was onvoldoende om de achterstand van eerder in het seizoen goed te maken.

Een jaar later lieten resultaten in de Gewastour opnieuw zien wat een vitaal gewas in de laatste weken kan doen. In 2024 steeg de gemiddelde opbrengst van 33,8 naar 56,8 ton per hectare. In Appelscha kwam daar zelfs 54,3 ton per hectare bij. Het verschil met een droog jaar zit daarmee niet alleen in de hoeveelheid neerslag, maar vooral in de hoeveelheid groeipotentie die nog aanwezig is wanneer het water beschikbaar komt.

In 2025 was die nagroei er niet. Het was een droog en vroeg jaar waarbij de eerste proefrooiing uitkwam op 40,9 ton per hectare en uiteindelijk werd gemiddeld 52 ton gehaald. Op verschillende percelen werd in september zichtbaar hoe snel een gewas verouderd naarmate de groeidagen erop zitten. Daarmee bevestigen de jaren dat de Gewastour actief is eigenlijk steeds hetzelfde: regen kan laat in het seizoen nog veel betekenen, maar alleen een gewas dat nog leeft en groeit, kan die regen omzetten in extra opbrengst.

Hoeveel potentie was er nog in 2026?
Daarmee komt de vraag op tafel hoe dit seizoen zich verhoudt tot die eerdere jaren. Bij de eerste proefrooiing kwam de gemiddelde opbrengst uit op 36,8 ton per hectare, vrijwel gelijk aan het langjarig gemiddelde van 37,4 ton. Op het eerste gezicht lijkt daar dus weinig bijzonders aan de hand. De vraag was dus vooral hoeveel groeipotentie er nog in de gewassen zat.

Het weer maakte die vraag dit jaar extra belangrijk. Na een relatief natte juni, met ongeveer 85 millimeter regen, liep het vochttekort vanaf augustus snel op. De droogte kwam daarmee later op gang dan in 2018, maar de gevolgen werden in de laatste weken van het groeiseizoen steeds zichtbaarder. Op 21 augustus leek er voor een deel van de Gewastour-percelen nog behoorlijk wat ruimte voor nagroei.

In Appelscha werd de resterende potentie bijvoorbeeld geschat op 15 tot 35 procent. Uithuizermeeden zat op 20 tot 25 procent. Zelfs op percelen die al verder in het seizoen waren, was nog ruimte: Hellevoetsluis werd op 10 tot 15 procent geschat en Wouw op ongeveer 10 procent. In IJzendijke was de ruimte met minder dan 5 procent al vrijwel verdwenen.

Die percentages waren echter geen eindstand. Ze waren een inschatting van wat er op dat moment nog in het gewas zat. Juist de weken daarna zouden bepalen hoeveel daarvan daadwerkelijk in kilo's kon worden omgezet. En dat bleek een lastige opgave. Het landelijke neerslagtekort was half augustus al opgelopen tot 306 millimeter. Ook daarna bleef 2026 uitzonderlijk droog. Het KNMI rekent het jaar inmiddels tot de zeven droogste jaren sinds het begin van de meetreeks in 1906.

Geen automatisme
Voor aardappelen betekent zo'n seizoen dat de groeidagen in september niet automatisch ook groeidagen zijn. Zolang het loof groen en actief blijft, kan een regenbui nog zorgen voor afvulling van de knollen. Maar wanneer droogte en warmte het gewas verder laten slijten, verdwijnt die mogelijkheid snel.

Dat was begin september op verschillende percelen ook letterlijk te zien. Gewassen die eerder nog voldoende groen stonden om een laatste groeispurt mogelijk te maken, gingen versneld achteruit.

Hoeveel van die resterende groeipotentie daadwerkelijk in kilo's is omgezet, moet de laatste proefrooiing uitwijzen. De opbrengstgegevens van de Gewastour-percelen worden nu verzameld. Zodra alle percelen gemonsterd zijn en de cijfers compleet zijn, maken we de eindbalans op. Hoeveel heeft september uiteindelijk nog opgeleverd? Dat wordt dus binnenkort duidelijk.

Het Gewastour-perceel van Jan Kolhorn uit het Groningse Uithuizermeeden op 1 september
Het Gewastour-perceel van Alex van Erp uit het Groningse Midwolda op 10 september
Het Gewastour-perceel van Wouter Vierboom uit het Gelderse Leuth op 7 september
Het Gewastour-perceel van René Mesken uit het Friese Appelscha op 1 september

Heb je een tip, suggestie of opmerking naar aanleiding van dit artikel? Laat het ons weten

Jan Willem Veldman

Jan Willem Veldman is allround akkerbouwredacteur bij Boerenbusiness. Daarnaast runt hij in maatschap met zijn vader een akkerbouwbedrijf in Appingedam (Groningen), waar onder meer granen, uien en suikerbieten worden geteeld.

Gewastour Aardappelen - week 40

Rooiers maken uren, maar kilo's vallen niet overal mee

Special Oogst & Bewaring

‘Milder klimaat geeft ons een prima opbrengst’

Special Oogst & Bewaring

Nut van beregenen opnieuw bewezen dit seizoen

Special Oogst & Bewaring

Droogte en hitte laten flinke sporen na in uienopbrengst

Bel met onze klantenservice 0320 - 269 528

of mail naar support@boerenbusiness.nl

wil je ons volgen?

Ontvang onze gratis Nieuwsbrief

Elke dag actuele marktinformatie in je inbox

Aanmelden