Droogte zet de Poolse graanteelt onder druk terwijl overwinteringsschade beperkt blijft. Door geringe neerslag in maart komt de opbrengstpotentie in het gedrang. Lees meer over droogte-impact op Poolse graanproductie.
Bodemtemperaturen die in sommige gebieden daalden tot -25 graden Celsius en uitdrogende wind hebben wel schade veroorzaakt in de Poolse wintergranen. Toch is het gewas gemiddeld genomen slechts iets slechter uit de winter gekomen dan vorig jaar. Vorig jaar verliep de overwintering gunstig voor de gewassen.
Volgens het Poolse statistiekbureau GUS is de schade aan wintertarwe en andere granen voorlopig beperkt gebleven. Meer dan 95% van de tarweplanten is vitaal gebleven en slechts 0,2% van het areaal wintergranen moest worden omgeploegd.
Hardnekkig neerslagtekort
Sinds maart kampt Polen met een hardnekkig neerslagtekort. In maart viel slechts 10,8 mm regen, minder dan een derde van de normale hoeveelheid. Ook januari en februari waren droger dan gemiddeld. In veel regio's wordt sterke uitdroging van de bovengrond gemeld.
Vooral in Midden- en West-Polen zien handelaren de opbrengstpotentie van wintertarwe en gerst onder druk komen. Ook koolzaad oogt kwetsbaar. De conditie ligt lager dan vorig jaar en relatief meer areaal moet worden omgeploegd. Neerslag in mei en juni is bepalend voor de mate waarin gewassen onder de droogte lijden.
Poolse boeren hebben afgelopen herfst circa 4,5 miljoen hectare wintergraan gezaaid. Dat is 1,1% meer dan een jaar eerder. De teelt van wintertarwe beslaat met ruim 2,3 miljoen hectare het grootste areaal.