Het aantal intensieve melkveebedrijven in Nederland is vorig jaar licht afgenomen, maar doordat het totale aantal melkveehouders nog harder terugliep, is hun aandeel binnen de sector juist iets gestegen. Lees hier meer.
Nederland telde in 2025 in totaal 12.386 melkveebedrijven, 423 minder dan een jaar eerder. Dat komt neer op een daling van 3,3%. De grootste afname deed zich voor in de categorie bedrijven met een veebezetting van 2 tot 2,3 grootvee-eenheden (GVE) per hectare. Daar verdwenen 323 bedrijven.
| Categorie | Aantal bedrijven | Mutatie t.o.v. 2024 | Naar verhouding op totaal |
| Tot 2 GVE | 5.137 | -2 | 41,6% |
| 2 tot 2,3 GVE | 2.545 | -323 | 21% |
| 2,3 tot 2,6 GVE | 1.795 | -84 | 14% |
| 2,6 GVE | 2.871 | -31 | 23% |
| Geen grond | 38 | +17 | 0,4 |
Een deel van deze bedrijven lijkt te zijn doorgeschoven naar de categorie met 2,3 tot 2,6 GVE per hectare. De relatief hoge melkprijs in 2025 maakte het aantrekkelijk om meer melkvee aan te houden. Daarnaast kan de dreiging van een generieke korting op fosfaatrechten voor ondernemers een extra prikkel zijn geweest om vee aan te houden.
Krap een kwart is intensief
Het aantal intensieve melkveebedrijven, gedefinieerd als bedrijven met meer dan 2,6 GVE per hectare, daalde met 31 naar 2.871. Sinds 2023 is sprake van een geleidelijke afname van deze groep. Relatief gezien nam het aandeel intensieve bedrijven echter toe. In 2025 behoorde 23,5% van alle melkveebedrijven tot deze categorie, tegen 22,8% een jaar eerder. De afgelopen jaren schommelt dit aandeel rond een kwart van de totale melkveestapel.
Snelle groei bedrijven zonder grond
Opvallend is verder de groei van het aantal melkveebedrijven zonder landbouwgrond. Deze bedrijven kopen al het ruwvoer aan en voeren alle mest af. Hun aantal steeg van 21 in 2024 naar 38 in 2025. Hoewel dit een toename van ruim 80% betekent, blijft het een zeer kleine groep die slechts 0,4% van alle melkveebedrijven vertegenwoordigt.