De prijzen van magere melkpoeder zijn de afgelopen weken al flink gestegen, maar de koek is nog niet op. Op de eerste Global Dairy Trade van september is opnieuw een stevige prijsverhoging zichtbaar in een verder rustige markt. Lees hier meer.
De gemiddelde prijsstijging is met 0,9% tot $3.910 per ton tamelijk beperkt. Met een stijging van 5,3% tot $3.695 per ton is magere melkpoeder de positieve uitzondering. Het is alweer de vierde stijging op rij, waarmee de prijs naar het hoogste niveau sinds de zomer van 2022 stijgt.
Amerikaanse melkpoeder werd op de GDT als duurst verhandeld. Product uit Oceanië ging het goedkoopst weg en Europa (Arla en Solarec) zat daar tussenin. Volle melkpoeder beweegt met een daling van 0,1% tot $3.585 per ton zijwaarts.
Dit betekent dat magere melkpoeder duurder werd verhandeld dan poeder van niet-afgeroomde melk. Dat is opvallend, maar niet helemaal uniek. In 2022 kwam dit ook kortstondig voor en daarvoor in 2014. Het is een signaal dat de magere melkpoedermarkt in het teken staat van krapte, waardoor kopers bereid zijn om een premie te betalen.
Cheddar onderuit
Tegenover de plus van magere melkpoeder staat een forse min voor cheddar van 6,6% tot $3.503 per ton. Dit is het laagste niveau sinds september 2020. De prijs van mozzarella laat met een stijging van 0,3% een afvlakkende beweging zien.
Het melkvet beweegt kalm. Met een daling van 0,8% zakt boter terug naar $5.028 per ton, terwijl AMF met 1,3% zakt tot $5.917 per ton.