Doordat vloeibare wei steeds beter gevaloriseerd kan worden, wordt het product bijna niet meer aan varkens gevoerd. In plaats daarvan wordt het verwerkt tot hoogwaardige eiwitpoeders, wat voor zuivelproducenten meer rendement kan opleveren. Lees hier meer.
Uit cijfers van Circular Feed association blijkt dat de afzet van wei en melkproducten richting de veevoersector vorig jaar met bijna 20% is gedaald tot 500.000 ton. Daarmee zet de dalende trend van de afgelopen jaren versneld door. Sinds 2022 is sprake van een daling van 40%. In de jaren daarvoor was sprake van een meer schommelende trend.
Eiwittrend
De snel teruglopende afzet van wei als varkensvoer hangt, naast krimp van de veestapel, samen met de toenemende populariteit van wei. In toenemende mate wordt vloeibare wei verwerkt tot regulier weipoeder en hoogwaardige WPC's, waar wereldwijd veel vraag naar is. Door de eiwittrend voegen levensmiddelenfabrikanten steeds vaker eiwit toe aan hun producten om daarmee voedings- en eiwitclaims op de verpakking te kunnen voeren.
Producten als melkproteïneconcentraat (MPC) en weiproteïneconcentraat (WPC) spelen binnen deze bredere eiwitmarkt een belangrijke rol. Met name WPC's zijn veel gevraagd. Het toenemende gebruik van GLP-1-afslankmiddelen, zoals Ozempic, draagt bij aan de aandacht voor eiwitrijke voeding. Gebruikers van deze middelen krijgen vaak het advies voldoende eiwit binnen te krijgen, onder meer vanwege het risico op verlies van spiermassa.
Wim Thielen
Nederland produceerde vorig jaar 8,9 miljoen ton vloeibare wei, blijkt uit cijfers van Eurostat. Daartegenover stond een afzet van 500.000 ton wei en melkproducten richting de veevoersector. "Dit laat zien dat de afzet van vloeibare wei naar de varkenssector al een uitgeknepen stroom was", laat Wim Thielen, secretaris van Circular Feed, desgevraagd weten. De wei die nog wordt afgezet naar de varkenssector is volgens hem vooral afkomstig van kleine kaasfabrieken en zelfzuivelaars die er geen bestemming voor hebben. Daarnaast wordt nog een klein gedeelte van de vloeibare wei vergist, bijvoorbeeld bij kwaliteitsproblemen.
De grote zuivelfabrieken hebben al lang hoogwaardige toepassingen voor wei gevonden, bijvoorbeeld als ingrediënt voor babyvoeding en voor de productie van lactose, zegt Thielen. Grote zuivelbedrijven als FrieslandCampina en Arla investeren bovendien in aanvullende verwerkingscapaciteit voor zuivel- en wei-ingrediënten. Daarmee neemt de concurrentie om vloeibare wei als grondstof verder toe, zeker als het melkaanbod gaat opdrogen.
Weiconcentraat flink duurder
De tijden dat vloeibare wei soms bijna gratis aan de veevoersector werd afgezet, lijken daarmee voorbij. De toenemende vraag voor weiconcentraat blijkt ook uit de prijsontwikkeling. De DCA benchmark voor weiconcentraat is begin september gestegen naar €1.500 per ton, het hoogste niveau ooit. Sinds begin dit jaar is sprake van een stijging van bijna 120%.
De komende jaren zal het aanbod vloeibare wei dat beschikbaar komt voor de afzet naar veevoersector zeer vermoedelijk verder dalen. Naast de krappere beschikbaarheid van vloeibare wei maken de steeds hogere prijzen het product bovendien steeds minder interessant als diervoeder.