In de Beierse melkveehouderij is onrust ontstaan naar aanleiding van de faillissementsaanvraag van Almil. De aandeelhouders van dit bedrijf vroegen medio augustus om de stekker eruit te trekken, vanwege te grote verliezen. Intussen draaide het door, maar nu staken de medewerkers en leveren ook de boeren geen melk meer.
Dit lijkt niet helemaal het scenario te zijn dat de aandeelhouders voor ogen hadden. Er was nog geld om de salarissen tot eind oktober door te betalen en ook melk te blijven verwerken.
De boeren, verenigd in meerdere leverancierscoöperaties, hebben besloten het einde niet af te wachten. Ze hebben de leveringen stopgezet en verkopen de melk nu via andere weg. Momenteel is dat geen probleem, want de prijzen zijn relatief hoog. Wel moet de markt opeens een volume van 150 miljoen kilo melk op jaarbasis extra absorberen.
De onrust wordt niet alleen veroorzaakt door de faillissementsaanvraag en de plotselinge stop van de verwerking, maar ook door de hoofdaandeelhouder van Almil. Dat is namelijk coöperatie Hochwald Foods, het bedrijf dat tot 2018 eigenaar was van het latere Almil. Hochwald stootte het bedrijf af, omdat het niet meer rendabel zou zijn. Toen ontstond Almil, dat de fabriek in Weiding voortzette. In 2020 stapte Hochwald stilletjes weer in, maar als private aandeelhouder.
Almil produceerde met name melkpoeder en boter, plus een deel vloeibare zuivel. In augustus dit jaar constateerde Hochwald dat de verliezen bij Almil te hoog werden en vroeg het faillissement aan. Veel Beierse boeren vinden dit teleurstellend en ook niet passen bij een coöperatief zuivelbedrijf.