Het massale gebruik van hoog-eiwit zuivelproducten, zoals WPC80, WPI90, caseïnaten en MPC, is geen kortstondige bevlieging die over een jaartje bovenop de berg andere kortstondige hypes kan worden gegooid. “De verwachting is dat tot 20-40% van de mensen wereldwijd in de komende jaren over zal gaan naar een GLP1-Lifestyle,” zegt Guus Aerts, managing director bij de business group Ingredients van FrieslandCampina.
In zijn functie zit hij bovenop de ontwikkelingen. FrieslandCampina is een van de grootste spelers wereldwijd in de sterk groeiende markt voor hoog-eiwitproducten. Veel bedrijven proberen een graantje mee te pikken van deze markt, maar FrieslandCampina Ingredients heeft een reputatie hoog te houden. Het is de B2B-marktleider op dit gebied bij kindervoeding, medische voeding en behoort ook tot de top-3 bij sportvoeding en voeding voor een actieve leefstijl.
Markt schommelt, maar is niet verzadigd
De prijzen van WPC80, die wordt gezien als de commodity onder de hoog-eiwitweiproducten, zijn momenteel even niet meer zo hoog als afgelopen zomer. Toen tikte WPC80 bijna een record aan van €30.000 per ton en wilde iedereen het goedje hebben. Nu is er ruwweg een derde van de prijs af en is de vraag meer in balans met het aanbod, maar dat is volgens Aerts zeker geen teken dat de markt verzadigd is.
"Het is een markt die nog in ontwikkeling is en dat dan soms schommelingen optreden, hoort erbij. Een deel van de producerende bedrijven wisselt nu bijvoorbeeld van WPC80 naar WPI90 omdat dat beter rendeert. Dat zijn de kortetermijnveranderingen. Op langere termijn bezien blijft de vraag groeien, terwijl er een structureel tekort aan product blijft bestaan. Dat komt doordat de productie de vraag niet kan bijbenen, ook niet met extra investeringen, en het duurt nog wel even voordat het aanbod structureel in evenwicht is met de vraag."
Gezondheid en GLP1-lifestyle
Belangstelling voor producten met veel eiwit bestaat al meer dan tien jaar, weet Aerts. Dat is vanwege een gezondheidstrend en vanwege een groeiende groep ouderen die meer eiwitten nodig hebben. Vervolgens kwam er de coronapandemie. Ook daardoor nam de vraag toe, maar sinds anderhalf tot twee jaar is de vraag geëxplodeerd door met name de introductie van afslankmiddelen die het darmhormoon GLP1 nabootsen. Gebruikers krijgen minder eetlust en vallen af. Om het vetverlies te compenseren en toch de spiermassa op peil te houden, hebben mensen die deze middelen gebruiken, behoefte aan producten met een hoog eiwitgehalte, zoals dus WPC's.
"Er is een zeer grote groep consumenten die geïnteresseerd is in en baat heeft bij deze high-protein producten. We zien een sterke behoefte in zowel de VS, Europa en Azië als Zuid-Amerika. Zij zullen zich naar verwachting een soort GLP1-lifestyle aanmeten. De voeding die ze daarbij nodig hebben, is relatief hoog geprijsd, maar doordat de gebruikers gemiddeld kleinere volumes eten, hebben ze ook meer geld te besteden voor wat ze kopen."
Te duur voor diervoeding
FrieslandCampina is vanouds al een grote ingrediëntenproducent, onder meer voor kindervoeding en medische toepassingen, maar investeert de laatste jaren extra om optimaal te profiteren van de nieuwe marktontwikkelingen. Alleen al in deze periode is diverse keren extra geld uitgetrokken voor een betere benutting van de weistromen. Dit jaar nog weer €75 miljoen.
Er gaat nog steeds een deel van de wei naar diervoeding, maar volgens Aarts zal dat niet lang meer duren. Het is te duur om wei op deze manier af te zetten. Alle wei van de Nederlandse en Belgische kaasfabrieken van FrieslandCampina wordt dan benut voor de productie van WPC, WPI en aanverwante producten. Eind vorig jaar kocht FrieslandCampina bovendien Wisconsin Whey Protein in de VS. Deze werkt met aangekochte wei, maar waardeert die ook op tot hoogwaardige eiwitproducten.
Van MPC tot hüttenkäse
Hoeveel waarde de hoge wei-eiwitten toevoegen houdt Aerts in het midden, maar duidelijk is dat het verwaardingsplaatje in de kaasproductie sterk is veranderd. Wei is al lang geen bijproduct meer, maar steekt kaas vaak naar de kroon.
Het wil niet zeggen dat zuivelbedrijven zonder kaas niet profiteren van de hoog-eiwittrend. Die bedrijven pikken een deel mee van de markt met geconcentreerde melkeiwitten, MPC's. Deze producten hebben een iets andere functionaliteit, want zij geven hun energie langzamer af, maar ook deze eiwitten vinden volop hun weg in allerlei voedingsmiddelen met extra eiwit.
Dit betreft een heel breed scala aan producten, van eiwitrepen (protein bars) en drankjes met toegevoegd eiwit tot yoghurts en kwark met toegevoegd eiwit en herontdekte producten als hüttenkäse/cottage cheese. De laatste productsoort stijgt momenteel stevig in populariteit, want is gemakkelijk en snel te eten. Voor producenten is het iets meer een uitdaging. Aan de ene kant is het relatief eenvoudig te maken. Het is een wrongelachtig product, maar de wei die overblijft na het maken ervan, is zure wei. Daarmee is het veel minder geschikt om bijvoorbeeld WPC80 of WPI90 van te maken, weet Aerts.
Zuiveleiwit wint van plantaardig
De vrij plotselinge en sterke belangstelling voor hoog-eiwitproducten in het algemeen zorgt voor extra verdiensten, maar is ook goed voor het imago van de zuivel en melkveehouderij in het algemeen. Er worden ook hoog-eiwitproducten gemaakt uit plantaardige bronnen en die producten kunnen prima naast elkaar bestaan, zegt Aerts. Toch heeft zuiveleiwit een aantal sterkere punten. Aerts: "Het aminozuurprofiel is superieur en ze zijn consumentvriendelijker." Het is enigszins diplomatieke taal voor dat het 'mondgevoel' van zuiveleiwit het wint van plantaardig eiwit. Het voelt voller, beter, zonder bittere of andere bijsmaakjes en eet lekkerder weg.
Dit alles maakt dat er voor de wei- en andere hoogwaardige producten op basis van zuiveleiwit nog een mooie verdere toekomst lijkt weggelegd, een toekomst waar ook de melkveehouder goed van kan meeprofiteren.