De landbouwsector krimpt. De productie neemt af, terwijl kosten voor energie en kunstmest oplopen. Rabobank ziet aanhoudende druk door handel en energie. Lees meer over de krimp in de landbouwsector.
De bank verwacht dat de landbouw in 2026 met 2,6% krimpt en is daarmee de enige grote sector in Nederland met een negatieve ontwikkeling. Volgens Rabobank zorgen het langdurige conflict in het Midden-Oosten, hoge energieprijzen en verstoringen in internationale handelsstromen voor extra tegenwind.
Na een tijdelijke opleving in 2025 zet de dalende trend in de land- en tuinbouw door. Vooral de lagere productie in de akkerbouw en tuinbouw drukt op de resultaten.
De aardappelproductie daalt naar verwachting met 12%, terwijl ook de suikerbietenoogst fors (11,3%) kleiner uitvalt. Alleen de graanproductie laat een stijging van ongeveer 3% zien. In de veehouderij blijft de melkproductie stabiel, maar zet de krimp van de varkenshouderij (-8%) door als gevolg van de opkoopregelingen.
In 2027 verwacht de Rabobank eenzelfde beeld. De bank verwacht wel dat er dan sprake zal zijn van stabilisatie in de aardappelproductie. Dat voorziet de Rabobank volgend jaar ook in de kalfsvleessector.
Toenemende kosten
Boeren worden naast lagere productieverwachtingen geconfronteerd met oplopende kosten. Rabobank verwacht dat de prijzen van kunstmest met circa 26% stijgen en de energiekosten met 17% toenemen. Daardoor daalt de nominale toegevoegde waarde van de landbouwsector in 2026 naar verwachting met ongeveer 20% ten opzichte van een jaar eerder.
De verslechterde vooruitzichten hangen nauw samen met de aanhoudende problemen rond de Straat van Hormuz. Rabobank gaat ervan uit dat de belangrijke vaarroute voor olie en LNG voorlopig nog grotendeels gesloten blijft. Daardoor blijven energieprijzen hoog en nemen de kosten in veel sectoren toe. Voor de landbouw zijn vooral de hogere diesel- en kunstmestprijzen van belang.
Hoewel de Nederlandse economie als geheel volgens Rabobank geen recessie tegemoet gaat, verwacht de bank voor 2026 een economische groei van 1,0%. Sectoren als informatie en communicatie, specialistische zakelijke dienstverlening en zorg blijven groeien, terwijl landbouw, transport, industrie en bouw het moeilijker krijgen.