Aeres

Aangeboden: Aeres hogeschool

Maïs Challenge leerzaam project voor studenten

4 Juni 2020

Voor het derde jaar op rij neemt een team namens Aeres Hogeschool Dronten mee aan de MaïsChallenge 2020. Op de onderwijskavel van Aeres Farms is 2 hectare snijmais gezaaid.

Het belangrijkste doel is volgens Erik Hassink, docent ondernemerschap en een van de begeleiders vanuit de hogeschool, dat studenten op een praktische manier kennis opdoen over de maisteelt. ,,Ze leren veel van en met elkaar -en van de jonge ondernemers die deelnemen aan de MaïsChallenge. Jonge veehouders moet zich bewust worden wat de mogelijkheden zijn van de maisteelt voor hun bedrijf. Wij willen ze leren dat mais telen meer is dan de loonwerker de opdracht geven om mais te zaaien. Je moet bijvoorbeeld ook weten wat de teelt met jouw bodem doet.’'

Yield gap
Agrarisch onderschap Dier- en veehouderij student Lise van Dijk is een van de studenten die vanuit het scholenteam meedoet aan de MaïsChallenge. Ook neemt ze vanuit het ouderlijk bedrijf deel aan de challenge. Voor de veehouderij wordt het steeds belangrijker om hoogwaardig eigen ruwvoer te telen.

Dit jaar is het thema ‘yield gap’, dat houdt in dat het verschil qua opbrengt en gehaltes tussen de rasproefvelden en de praktijk verkleind moet worden. ,,Het thema sluit mooi aan bij het doel om als ondernemer hoogwaardig eigen ruwvoer te telen. Ook is het interessant om met collega- ondernemers te kunnen discussiëren en brainstormen. Hier leer je veel van’', vertelt Lise.  

Op het ouderlijk bedrijf telen ze zes hectare mais. ,,We doen dit omdat snijmais een voedingsrijke zetmeel bron is. Zetmeel is een energierijk product wat goed is voor de melkproductie en past het goed in onze rotatie. Wij focussen ons op een ras dat middel-vroeg moet zijn en een goede stevigheid moet hebben. Ons bedrijf staat namelijk op de Noord-Hollandse kleigrond en daar is het wenselijk om vroeg te hakselen. Ook is voor ons het zetmeelgehalte van de plant belangrijk, zodat we een nog hoogwaardiger product kunnen oogst.’'

Lise vindt het heel leerzaam om deel te nemen aan het scholenteam. ,,Je leert veel van en met elkaar. We hebben op het perceel bij Aeres Farms een klein onderzoek opgezet. Tijdens het mais zaaien hebben we twee verschillende soorten kunstmest gebruikt (KAS en Agrocote -een speciale meststof). De voedingsstoffen van laatstgenoemde meststof komen gedurende het groeiseizoen vrij. Hierdoor zijn de voedingsstoffen beter beschikbaar voor de plant. We hopen tijdens het groeiseizoen een verschil te kunnen zien.’'

Lise van Dijk

Rijenbemesting kan mogelijkheden bieden voor veehouders
Voor zijn afstudeeronderzoek doet student Matthijs Hierink op praktijklocatie Aeres Farms bemestingsonderzoek bij snijmais. Vanwege eigen interesse en door studie-ervaring in onder andere Amerika kwam Matthijs op het idee om te onderzoeken of bemesting in snijmais anders kan. Hij heeft een proefveld aangelegd waar hij de benutting van drijfmest in de rij vergelijkt met een breedwerpige toediening. Doel is om te onderzoeken of veehouders economisch voordeel kunnen behalen.

Door rijenbemesting kunnen veehouders een lagere kunstmest of drijfmestgift geven met eenzelfde opbrengst als resultaat. De voordelen van rijenbemesting verschillen per bedrijfssituatie: voor een derogatiebedrijf op fosfaatarme grond kan het een positieve uitwerking hebben. Sommige veehouders kunnen ervoor kiezen om minder mest naar het maisland te brengen en meer naar het grasland voor een optimale eiwitopbrengst op bedrijfsniveau.

Op het proefveld is de mest met een strokenbemester en een conventionele bouwlandbemester uitgereden. Bij beide proeven is de mest via een sleepslangsysteem aangewend om zo bodemverdichting te minimaliseren. De hoeveelheid mest dat via de strokenbemester wordt toegediend is gehalveerd. Op deze manier wil Matthijs de –waarschijnlijk- betere benutting van de mineralen testen.

De theorie wijst namelijk uit dat bij drijfmest in stroken de fosfaatefficiëntie twee keer zo is hoog is en de stikstofefficiëntie 1,25 keer zo hoog dan bij conventionele bemesting. De overige bewerkingen en hoeveelheden bij zaaien zijn zo gelijk mogelijk gehouden om de variabele in drijfmestgift en de techniek te testen. ,,De verwachting is dat bemesting in stroken een betere benutting van de drijfmest geeft waardoor eenzelfde opbrengst behaald kan worden met een lagere drijfmest- en kunstmestgift. Dit kan resulteren in een lagere uitspoeling en een mindere aankoop van meststoffen. Na de maisoogst zijn de resultaten bekend.’’

Blijf op de hoogte

Mis niets en schrijf je in voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief