Verkoop nog niet afgerond

Nijmegen zit Hilckmann al sinds 2004 dwars

25 Maart 2016

De verhoudingen tussen de gemeente Nijmegen en Hilckmann zijn sterk verslechterd nadat Hilckmann besloot dat het de activiteiten niet langer kon voortzetten. Beide partijen leefden echter al sinds 2004 op gespannen voet, zo blijkt uit een verklaring van Hilckmann.

Hilckmann zegt dat de gemeente Nijmegen als sinds 2004 spreekt over onteigening en verplaatsing van de slachterij. In 2006 werd de slachterij volledig weggestemd in de plannen en dit is in 2008 onherroepelijk geworden. Hierdoor is sinds 2008 de geldende bestemming voor het slachthuis komen te vervallen, waardoor Hilckmann vanaf 2008 ook geen diepte-investeringen meer kon doen in Nijmegen.

Hilckmann vocht de gemeentelijk besluiten aan waarna Nijmegen instemde met onderhandelingen op basis van de onteigeningswet, maar in 2010 gaf de gemeente aan hier geen geld meer voor te hebben.

Dat de besluitvorming onterecht was, bevestigde de Raad van State in 2014. Op 3 september van dat jaar vernietigde de hoogste bestuursrechter van het land eerdere besluitvorming van de gemeente omdat deze onterecht was. Daardoor moest de gemeente een keuze maken: Het bestemmingsplan terugdraaien waardoor het slachthuis haar activiteiten op de locatie kon voortzetten en kon investeren, of het slachthuis uitkopen.

6,6

miljoen

euro moet de gemeente Nijmegen nog aan Hilckmann betalen

De gemeente koos voor het laatste en liet in april 2015 een taxatie opstellen, die een waarde toekende van 28,1 miljoen euro. Vervolgens spraken beide partijen een koopsom af van 27,6 miljoen euro voor alleen het verwerven van de opstallen. Hoewel Hilckmann de opstallen al in juli 2015 heeft overgedragen, moet de gemeente nog 6,6 miljoen euro overmaken.

Hilckmann geeft aan dat de deal is gesloten op het moment dat zowel Slachthuis Nijmegen als Vleeshandels Hilckmann binnen budget presteerden. Hier kwam in 2016 verandering in. Op 24 februari nam Hilckmann het besluit om de activiteiten te staken. De reden hiervan waren de drastisch veranderde marktomstandigheden.

Ook het gebrek aan toegang tot de Chinese markt speelde beide bedrijven parten. Slachthuis Nijmegen had, ondanks diverse inspanningen, als enige grote Nederlandse slachterij geen directe toegang tot de Chinese markt. Dit heeft sinds het najaar 2015 materiële en structurele gevolgen gehad voor de concurrentiekracht en resultaten van beide bedrijven. Ook op korte termijn was er geen zekerheid over het verkrijgen van de noodzakelijke exportvergunning.

Deze situatie verstoorde de toekomstplannen van Hilckmann. Het bedrijf stond namelijk op het punt om te verhuizen naar een nieuwe locatie op Laarakker in Haps, een operatie die op 48 miljoen euro was begroot. Naast de 27,6 miljoen euro moest de verhuizing worden gefinancierd met een bancaire lening van 38,5 miljoen euro. Door de veranderde marktomstandigheden en het uitblijven van de vergunning om te kunnen exporteren naar China, kon de nieuwbouw op bedrijventerrein Laarakker in Haps niet meer worden gefinancierd.

Hilckmann besloot vervolgens de operationele activiteiten te staken. Volgens de slachterij startte de gemeente vervolgens een juridische en ongenuanceerde media-aanval die de correcte afwikkeling van Slachthuis Nijmegen en Vleeshandel Hilckmann schaadt.

Lees ook: Hilckmann pareert kritiek gemeente Nijmegen

Regenradar
Powered by Agroweer

Blijf op de hoogte

Mis niets en schrijf je in voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief