Een tijdelijk door Mexico ingesteld importverbod voor bepaalde Amerikaanse varkensvleesbijproducten als huiden, tongen en delen van de kop is weer opgeheven. Sinds mei mochten een aantal delen van het varken het land niet meer in vanwege de vondst van antilichamen van het Aujeszky virus bij varkens in mei.
Mexico is voor de Verenigde Staten na China de belangrijkste afnemer van varkensvleesbijproducten en slachtafval. Maandelijks gaat er zo'n 15.000 ton product naar het zuidelijke buurland. De impact van het verbod dat begin mei werd ingesteld was direct voelbaar. In de maand mei zakte het totale volume dat naar Mexico werd geëxporteerd snel weg.
Tik voor exportvolume
In totaal ging er in mei nog ruim 3.000 ton aan bijproducten en slachtafval de grens over. In april was dit nog ruim 13.000 ton. De economische waarde van het volume zakte van US $23 miljoen naar zo'n US $9 miljoen. De Amerikaanse vleesexport federatie (USMEF) becijferde al dat de maatregel de sector miljoenen per week kostte.
Een woordvoerder van de USMEF reageerde enthousiast op het bericht. Hij gaf tevens aan dat naast de hervatting van de exportstroom ook product dat gedurende de periode van de ban is geproduceerd weer de grens over mag. Opgeslagen product bestemd voor Mexicaanse afnemers mag dus alsnog de grens over. In de maand mei profiteerde vooral Braziliaanse exporteurs van het gat dat ontstond. Zij zagen het volume naar Mexico met maar liefst 20% toenemen. Europese exporteurs vinden nauwelijks afnemers op de Mexicaanse markt, zo blijkt uit cijfers van Eurostat.