Heet en droog weer, in combinatie met minder hectares, zorgt voor een fors kleinere aardappeloogst in de Verenigde Staten dit jaar. Vooral in Idaho wordt er minder gerooid, zo is het idee. Dit kan een impact hebben op de vraag- en aanbodsituatie bij frites. In deze analyse lees je daar meer over.
Ook in de VS was het dit groeiseizoen veelal heet en droog. Daar komt bij dat de gewassen ook hinder hebben ondervonden van rookontwikkeling door bosbranden. Dit seizoen is het areaal aardappelen met 3,2% afgenomen volgens data van het USDA. Sinds 1952 werden niet zo weinig aardappelen verbouwd in het land. Het gaat in totaal om 353.298 hectare consumptie- en pootaardappelen dit jaar.
Opbrengst 5,5% lager
Nu het rooien van de hoofdoogst op het punt van beginnen staat, hebben insiders een inschatting gemaakt voor de omvang van de totale oogst. Zij komen uit op 17,89 miljoen ton aardappelen. Dat is het kleinste volume sinds 2010, toen 16,63 miljoen ton werd geoogst. Het cijfer ligt dicht bij de opbrengst van 2013, toen 17,92 miljoen ton werd geoogst. Wordt het cijfer waarheid, dan is het totaalvolume 4,4% kleiner dan wat vorig jaar is geoogst. Ook is het 5,5% minder dan het vijfjarig gemiddelde.
In alle grote aardappelstaten wordt dit jaar een lagere opbrengst behaald, zo wordt ingeschat. Dit komt door een combinatie van minder hectares en weersinvloeden. De opbrengstdaling in Idaho is met 7% procentueel gezien niet de grootste, maar in absolute getallen wel. Komt dit uit, dan ligt de opbrengst er 435.500 ton lager, goed voor 5,84 miljoen ton. Dat is de kleinste oogst sinds 2011. Juli en augustus waren erg heet, wat kilo's heeft gekost. Daar komt bij dat het areaal met ruim 6.000 hectare is afgenomen.
Opbrengstdalingen
Ook in Washington was het warm. Rookontwikkeling heeft ook voor enige groeivertraging gezorgd. Insiders schatten de opbrengst 1% lager in dan vorig jaar. Het areaal bleef er vrijwel gelijk. In Nebraska en North Dakota wordt de opbrengst ruim 12% kleiner ingeschat. In Wisconsin, de nummer drie qua aardappelen, ramen insiders de oogst ruim 5% lager in.
Ondanks dat in de VS vrijwel iedere aardappel beregend kan worden, heeft ook daar het weer een impact. Naar schatting daalt de gemiddelde opbrengst naar 455 centenaar per acre. Omgerekend 50,99 ton per hectare. Vorig jaar was dat 51,55 ton per hectare.
Het wordt interessant om te zien hoe de Amerikaanse markt zich gaat ontwikkelen gedurende seizoen 2026/27 en dan met name die voor het eindproduct. Canada is hofleverancier van frites aan het buurland, maar de spanningen tussen beide landen lopen steeds verder op. Het uitgevoerde fritesvolume, van Canada naar de VS, is over een periode van twaalf maanden licht afgenomen. In juli lag deze wel bijna 9% hoger, ten opzichte van een jaar eerder.
Canadese export
Aardappelproducten en ook aardappelen zelf vallen niet onder de recent aangekondigde Amerikaanse importtarieven, of eerdere tarieven. Toch staan handelsrelaties wel onder druk. De Noord-Amerikaanse aardappelsector is veelal behoorlijk geïntegreerd. Aardappelen en eindproducten gaan heen en weer en bedrijven hebben vestigingen in zowel Canada als de VS. Dat maakt conflicten bijzonder lastig.
Het zorgt er ook voor dat Canada probeert zijn product naar andere landen af te zetten om zo langzaam maar zeker minder afhankelijk te worden van hun zuiderbuur. Dit vraagt om een enorme verschuiving. Van de 1,419 miljoen ton frites die Canada in 2025/26 exporteerde, kwam 83,5% voor rekening van de VS, met Japan en Panama als nummer twee en drie.
De fritesexport van de VS zelf kan ook geraakt worden door een krappere beschikbaarheid aan aardappelen. In seizoen 2025/26 werd ruim 8% minder frites geëxporteerd ten opzichte van het seizoen ervoor. De VS blijft een zeer hoog prijsniveau hanteren, waardoor het klanten verliest. Daar komt bij dat de concurrentie in Azië en Midden- en Zuid-Amerika groot is.
Lagere importtarieven
In juli zijn door de Amerikaanse overheid nieuwe importtarieven ingesteld voor aardappelproducten. Die liggen tussen de 10% en 12,5%, afhankelijk van de bestemming. Dit resulteert erin dat Europese landen met flink lagere heffingen te maken hebben, die soms zelfs zijn gehalveerd. De totale fritesimport is in 2025/26 lager een kleine 4% lager dan in het seizoen ervoor. Vooral België (-12%) en Nederland (-19%) hebben moeten inleveren. Uit Frankrijk werd juist 33% meer geïmporteerd, maar dit volume is veel kleiner.
De fritesprijzen van geïmporteerde frites zijn met gemiddeld 4,2% gedaald afgelopen seizoen. Deze gestage prijsdaling heeft ervoor gezorgd dat er toch frites zijn ingevoerd in de VS, ondanks de hoge importtarieven. Mogelijk dat Europese exporteurs weer meer aan de VS kunnen leveren komend seizoen, al zitten de grote EU-exporteurs dit seizoen waarschijnlijk ook niet ruim in hun frites.