Meeldauw blijft een vaste spelbreker in veel teelten, buiten én onder glas. Maar wie 'meeldauw' als één ziekte benadert, loopt in de praktijk al snel achter de feiten aan. Valse meeldauw en echte meeldauw lijken qua naam op elkaar, maar verschillen sterk in biologie, infectiemoment en aanpak. Juist nu de speelruimte kleiner wordt moet je eerst bepalen of je met valse of echte meeldauw te maken hebt, en dan de strategie kiezen.
Valse meeldauw: vooral risico bij bladnat en hoge RV
Familie: Peronosporaceae
Valse meeldauw wordt veroorzaakt door oömyceten (waterschimmels) uit de familie Peronosporaceae. Typisch is dat de aantasting vaak aan de onderkant van het blad zit.
In de praktijk is valse meeldauw sterk gekoppeld aan hoge luchtvochtigheid, dauw/condens en bladnat; bij sla en ui wordt expliciet genoemd dat langdurige bladnatperiodes, een hoge RV en vochtig weer het risico verhogen.
Praktijkvoorbeelden (valse meeldauw)
Echte meeldauw: zichtbaar, snel en niet afhankelijk van vrij water
Familie: Erysiphaceae
Echte meeldauw wordt veroorzaakt door schimmels uit de familie Erysiphaceae en is herkenbaar aan de witte, poederachtige aanslag (mycelium en conidia) die op het blad zichtbaar is.
Belangrijk voor de praktijk: echte meeldauw heeft geen vrij water nodig; bij komkommerachtigen kunnen infecties optreden onder relatief droge omstandigheden, terwijl dichte gewassen/laag licht en geschikte temperaturen de ontwikkeling versnellen.
Praktijkvoorbeelden (echte meeldauw)
Klimaat stuurt de verspreiding
Klimaat bepaalt vooral (1) wanneer infectie kan plaatsvinden en (2) hoe snel de ziekte cyclisch kan doorpakken.
Valse meeldauw (Peronosporaceae): bladnat is de aan/uit-knop
Echte meeldauw (Erysiphaceae): microklimaat in het gewas is de motor
Maak van diagnose je standaard, dan blijft meeldauw een probleem dat je vóór bent
Zie je problemen na natte nachten/condens → denk eerst aan valse meeldauw. Zie je bij 'droog' weer toch snel witte aanslag en opbouw in een dicht gewas → echte meeldauw is waarschijnlijker.
Snelle diagnose in de praktijk: drie checks die werken
1: Was er bladnat/condens?
2: Wat zie je?
3: Past het bij het gewas?
Conclusie
Valse en echte meeldauw lijken op elkaar, maar vragen een andere aanpak: valse meeldauw hangt samen met bladnat/condens, echte meeldauw kan ook bij droger weer doorzetten en geeft witte poederige aanslag.
Wie meeldauw 'op gevoel' bestrijdt, bestrijdt vaak de verkeerde tegenstander. Kijk eerst naar bladnat, symptoombeeld en gewas en kies dan pas je maatregel. In een tijd van minder middelen is één stap het meest winstgevend: eerst labelen, dan handelen.