Opinie Te Biesebeek Advocaten

Hoe ver gaat leverplicht aan melkfabriek?

7 September 2018

Melkveehouders hebben een relatie of een rechtsverhouding met hun zuivelfabriek; de zuivelverwerkende organisatie die de door de melkveehouderij geproduceerde melk afneemt, verwerkt en vermarkt. Hoe ver gaat de relatie en leverplicht aan de melkfabriek?

Als de zuivelfabriek een (besloten) vennootschap is (een particuliere fabriek), dan ligt de relatie besloten in een samenwerkings- of leveranciersovereenkomst. Is de zuivelverwerkende organisatie een coöperatieve vereniging, dan ligt de relatie in de kern besloten in de lidmaatschapsverhouding tussen de melkveehouder en de fabriek.

Exclusieve leverplicht
Normaal gesproken is in de relatie tussen melkveehouder en fabriek bepaald dat de melkveehouder verplicht is alle door zijn bedrijf geproduceerde melk te leveren aan de fabriek (behalve dat wat nodig is voor eigen, huishoudelijke gebruik). Maar, daartegenover staat dan wel dat deze melk ook daadwerkelijk wordt afgenomen door de fabriek.

Dit biedt niet alleen de melkveehouder, maar ook de fabriek zekerheid. Enerzijds is de melkveehouder verzekerd van het feit dat zijn melk wordt afgenomen en tegelijk is de fabriek verzekerd dat er voldoende melk wordt geleverd. Dit ter borging van de continuïteit van het verwerkings-, productie- en verkoopproces.

Leverplicht biedt zekerheid 

Wat als melkveehouder de afgesproken leverplicht niet nakomt?
De leverplicht houdt overigens wel in dat het voor een melkveehouder verboden is om de melk, zonder toestemming van de fabriek, aan derden te verkopen; ook wanneer deze derde minder hoge of andere eisen stelt aan het productieproces en/of een betere prijs betaalt voor de melk. Bij een schending van de leverplicht kan de fabriek de melk alsnog afdwingen, zo nodig in rechte en op straffe van een dwangsom.

Daarnaast kan er aanspraak worden gemaakt op een schadevergoeding, al dan niet in combinatie met beëindiging van de relatie. Als de betreffende melkveehouder lid is van de coöperatie, kan hij zelfs uit het lidmaatschap worden ontzet. Dit blijkt uit een uitspraak van de rechtbank in Groningen (22 juni 2016); nadat opzegging van het lidmaatschap niet rechtsgeldig werd bevonden, werd de melkveehouder uit het lidmaatschap ontzet. Dit omdat hij geen melk leverde, wat voor de melkveehouder leidde tot het verlies van allerlei aanspraken en rechten.

Formulering leverplicht: rondgang langs zuivelfabrieken
De zuivelondernemingen hebben de in de voorwaarden opgenomen de leverplicht wisselend geformuleerd, al komt deze in de statuten of leveringsvoorwaarden in de kern telkens op hetzelfde neer. Zo bepalen de statuten van Cono Kaas dat ieder lid verplicht is om alle melk van de op zijn bedrijf aanwezige gezonde koeien aan de coöperatie te leveren (zondag dat wat nodig is voor eigen, huishoudelijke gebruik).

De statuten van Rouveen bepalen dat elk lid verplicht is de melk, geproduceerd door de koeien van zijn melkveehouderij (vanaf 1 adres, gelegen in het werkgebied van de coöperatie) te leveren. De statuten van FrieslandCampina schrijven voor dat leden verplicht zijn alle in hun bedrijf gewonnen gangbare melk aan de coöperatie, dan wel aan een door haar aan te wijzen derde, te leveren.

DOC Kaas schrijft in de kern hetzelfde voor. Royal Bel Leerdammer schrijft voor dat veehouders alle melk die geproduceerd wordt op het bedrijf aan haar dienen te leveren. Ook de voorschriften van DeltaMilk voorzien daarin: elk lid is verplicht alle melk van zijn gezonde koeien aan haar te verkopen. Daarbij is telkens bepaald dat het verboden is om de melk aan derden af te staan, te verkopen of te doen verkopen.

Door verpachting einde van leveringsplicht?

Bedrijf is verpacht, overgedragen of verhuurd
Hoe zit het als een melkveehouder zijn bedrijf heeft verpacht, al dan niet ingegeven door onvrede wegens de in zijn ogen structureel te lage melkprijs van de coöperatie? Deze vraag was enige tijd terug voorgelegd aan de Voorzieningenrechter in een kort geding in de rechtbank Assen; een melkveehouder die zijn bedrijf (koeien, bedrijfsgebouwen en machines) aan een derde had verpacht, werd door zijn fabriek in rechte aangesproken op nakoming van zijn leveringsplicht en zulks op straffe van een dwangsom.

De melkveehouder heeft zich verweerd tegen deze vordering. Hij heeft zich daarbij op het standpunt gesteld dat het is toegestaan om zijn bedrijf te verpachten en dat de melk (na verpachting) niet meer 'in zijn bedrijf' wordt gewonnen. Hij is dan niet meer gehouden aan nakoming van de leverplicht, aldus deze melkveehouder.

Geen plicht voor pachter
De rechter geeft de melkveehouder gelijk: de regeling van de coöperatie vermeldt niets over verpachting, verhuur en/of bedrijfsoverdracht. Het maakt dat het de melkveehouders is toegestaan zijn bedrijf te verpachten zonder dat hij de pachter dient te verplichten de melk aan 'zijn' coöperatie te leveren.

Ook de stelling van de coöperatie dat er sprake zou zijn van een schijnconstructie, zonder een reële en serieuze verpachting, werd door de rechter verworpen. Kortom, volgens deze uitspraak kan een melkveehouder zijn bedrijf aan een derde verpachten, overdragen of verhuren, zonder schending van de leveringsplicht

boerenbusiness.nl

Boerenbusiness

Onder Boerenbusiness worden opinies geplaatst van auteurs die in principe eenmalig hun mening op Boerenbusiness.nl ventileren of van personen die liever anoniem willen blijven. Naam en woonplaats zijn altijd bij de redactie bekend.

Meer over

leverplicht

Blijf op de hoogte

Mis niets en schrijf je in voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief