Onbetrouwbaar, onvoorspelbaar, ongeregisseerd en onafgestemd. Wie dit verwijt persoonlijk zou krijgen, zou misschien kwaad worden, maar zich mogelijk ook af gaan vragen of het niet eens tijd werd voor een bezoekje aan een hulpverlener. De rijksoverheid is dan wel geen persoon, maar krijgt bovengenoemde kwalificaties toch maar even op het bordje gelegd waar het gaat over de behandeling van boeren.
De constateringen komen niet van een politieke tegenstander. Misschien zou die het nog wat verder hebben aangescherpt, maar ze komen van Nationale ombudsman Reinier van Zutphen. Het instituut dat hij vertegenwoordigt, is ingesteld door het parlement en wordt geacht onpartijdig te zijn.
Anders handelen, met de last van vroeger
Van Zutphen en zijn team spraken uitgebreid met 32 boeren uit alle hoeken van het land en bespraken het Haagse politieke handelen sinds pakweg de PAS-uitspraak van 2019. In het rapport wordt niet alleen de vinger op de zere plek gelegd, maar worden ook aanbevelingen gedaan. Die gaan niet alleen over: 'en voortaan doen we alles anders, lekker makkelijk', maar ook over het anders doen met inachtneming van de last van de voorgaande jaren. Dat is andere koek.
Bij andere dossiers ging het wel
Bewindslieden die dit willen laten indalen, moeten worden aangeraden er met de ombudsman over te gaan praten zonder medeneming van ambtenaren en politieke adviseurs. Reflectie en andere soorten van zelfonderzoek zijn niet de sterkste kenmerken van de Haagse vissenkom, toch rust er – waar het gaat om fouten uit het verleden – wel een morele last op de schouders van met name de bewindslieden. Maar bij andere dossiers gaat het kennelijk gemakkelijker om die op te pakken.
Terug in andere wereld
Wie gaat van de ombudsman naar het pakket brieven en bijlagen dat minster Van Essen deze week naar de Tweede Kamer stuurde, ziet zich tegelijk in een totaal andere wereld. Niet dat de minister nu ook maar iets heeft bewogen ten opzichte van zijn junibrief. Het staat er allemaal nog een beetje mooier verwoord en ook is het weer keurig perspectiefvol uitgevent richting de algemene media, maar de inhoud is op de essentie niet anders. De technische eisen zijn dezelfde, de juridische onzekerheden niet weggenomen – hooguit iets verder weggestopt – en daarmee is het realiteitsgehalte van het plan nog altijd even zwak. Het verbaast dan ook niet dat de meeste landbouworganisaties met teleurstelling reageren.
Technische haalbaarheid moeilijk
Waar het gaat over de technische haalbaarheid van de politieke eisen is het beeld zelfs slechter geworden. Een van de maatregelen om de emissies van melkvee te beperken is het verlagen van het ruw eiwitgehalte in voer. Begeleid door enkele Wageningse onderzoekers heeft een groep boeren eraan gewerkt (Pilot Koe en eiwit), maar niet één slaagde erin om het gestelde doel van 155 gram ruw eiwit per kilo droge stof te halen, zo blijkt. Uit een ander rapport, Reflectie maatregelpakket stikstof, blijkt dat de emissiedoelstelling van 0,164 gram ammoniak per kilo fosfaat momenteel door nog geen 5% van alle melkveebedrijven kan worden gehaald. De hiermee correlerende eis van maximaal 92 kilo CO2-equivalenten aan emissies per kilo fosfaat wordt door geen enkel bedrijf gehaald. Toch brengt dit het kabinet niet tot rede. De eis van 2,6 GVE per hectare is iets eenvoudiger te halen, maar voor 16% tot 17% van alle bedrijven (gemiddeld aantal koeien is onduidelijk), met name op oostelijk en zuidelijk zand is het wel een grote hobbel. Ook varkenshouders ondervinden serieuze problemen met het nieuwe beleid als dit ongewijzigd zou worden doorgevoerd.
Betaalbaarheid onduidelijk
Het gaat dan alleen nog maar om de technische haalbaarheid. Of het economisch gezien ook uit kan, is een tweede. De onderzoekers van de genoemde reflectie zeggen meer gegevens nodig te hebben om er iets over te kunnen zeggen. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) ziet het iets minder zwaar in, maar behandelt het vraagstuk dan ook vooral op macro-niveau en ziet dan geen beren op de weg.
Financiële decoratie
Van Essen wijst in zijn pakket voor de Tweede Kamer wel op een reeks ondersteunende maatregelen voor bedrijven. Hij heeft er ook enkele honderden miljoenen bij om innovaties te steunen en bedrijven te helpen omschakelen, maar het lijkt allemaal weinig behulpzame decoratie zolang er niet een pakket juridische garanties ligt – dat ook is afgestemd met de provincies en dat eveneens rekening houdt met struikelblokken uit bestaande jurisprudentie – waarmee boeren echt verder kunnen. Juist die garanties ontbreken in de voorstellen van de minister. Waar duidelijkheid gewenst is, staat in de stukken een komma of een ander voorbehoud.
Voorbehouden
De minister lijkt een toezegging te doen waar het gaat over de zoneringen. Die zouden smaller kunnen, maar hier ook het bovengenoemde gebrek. Hij houdt te veel slagen om de arm, terwijl ook nog voorbij wordt gegaan aan het feit dat provincies nog steeds met eigen regels kunnen werken, Neem het door Van Essen zelf geloofde plan van aanpak Veluwe. Om daar het gewenste stikstofplaatje rond te krijgen, zijn zelfs zoneringen nodig van kilometers breed. Waar is hier de afstemming?
Fosfaatprobleem onnodig groot
Ondertussen wordt ook nu al de milieuruimte van veel veebedrijven sterk ingeperkt. Met name door het fosfaatbeleid en de afroming van rechten bij verhandeling. Uit een recente prognose van de NVWA zou blijken dat een kwart van de melkveehouders dit jaar te weinig fosfaatrechten heeft voor de gerealiseerde productie.
Volgens de Stichting Stikstofclaim is dit mede de schuld van de minister van LVVN. Die heeft volgens haar nagelaten om de emissiecijfers van melkvee aan te passen aan een advies van een commissie van deskundige, terwijl hij dat wel gedaan heeft voor varkens en kippen. Dat is onrechtvaardig, meent SSC en ze sommeert de minister nu om voor eind december de regels aan te passen op straffe van een kort geding en een dwangsom. Sommige kenners van het dossier vragen zich ook af, of de tekorten aan fosfaatrechten wel echt zo groot zijn als wordt gesuggereerd. Wanneer rekening zou worden gehouden met verandering van dieren naar een andere diercode, bijvoorbeeld van melk naar vleesvee – wat in de praktijk gebeurt – zou het probleem wel eens anders kunnen zijn dan nu wordt voorgesteld.
© DCA Market Intelligence. Op deze marktinformatie berust auteursrecht. Het is niet toegestaan de inhoud te vermenigvuldigen, distribueren, verspreiden of tegen vergoeding beschikbaar te stellen aan derden, in welke vorm dan ook, zonder de uitdrukkelijke, schriftelijke, toestemming van DCA Market Intelligence.