ForFarmers

Interview Pieter Wolleswinkel

'ForFarmers focust dit jaar op bestaande markten'

25 Februari 2022

ForFarmers heeft gisteren, donderdag 24 februari, haar jaarcijfers over 2021 gepresenteerd. Het bedrijf heeft een naar eigen zeggen 'turbulent' jaar afgesloten met lagere resultaten. Pieter Wolleswinkel, de COO van Nederland en België van ForFarmers, over de impact van de oorlog in Oekraïne, de uitdagende marktomstandigheden, de situatie in het Verenigd Koninkrijk, de zorgen van beleggers en de stand van zaken in overnames.

ForFarmers sloot 2021 af met een bijna 20% lagere onderliggende EBITDA. Het beursgenoteerde concern is vooral actief in krimpmarkten, wat voor flinke concurrentie zorgt. De mengvoersector heeft daarnaast last van hoge kosten voor grondstoffen en energie. In de outlook voor de eerste helft van dit jaar stelde het concern te verwachten dat de hoge prijzen voor grondstoffen en energie aanhouden, onder andere vanwege het gewapend conflict tussen Rusland en Oekraïne. Verder hangt de agrarische sector in Noordwest-Europa een verdere krimp van de veestapel boven het hoofd.

Ontwikkelingen waar niet alleen ForFarmers, maar de hele sector met argusogen naar kijkt. Wolleswinkel, sinds 2019 operationeel directeur Nederland/België van de Lochemse voergigant, blijft positief en wil vooral kijken naar de kansen die er liggen. ForFarmers streeft autonome groei na in landen waar het reeds in actief is. Het concern lijkt bij eventuele overnamekandidaten, op dit moment niet meer de focus te hebben op het betreden van een nieuw zesde land, iets wat CEO Yoram Knoop eerder aankondigde. "De markt is turbulent en in beweging, dat vraagt onze aandacht. De focus voor eventuele overnames op dit moment ligt op de landen, waarin we reeds actief zijn", vertelt Wolleswinkel.

In hoeverre raakt de huidige situatie in Oekraïne de resultaten van ForFarmers en is er ook een directe dreiging voor de business in Polen?
"We zien als reactie op het conflict de prijzen voor energie en grondstoffen vrijwel direct oplopen. Dat zijn voor ons twee grote kostenposten. We hebben daarom in de presentatie van onze jaarcijfers ook aangegeven dat wij verwachten dat de EBITDA over de eerste helft van 2022 significant lager ligt dan over de eerste helft van 2021. Voor de langere termijn is de prijsimpact nu niet in te schatten. Wat betreft de direct dreiging voor onze activiteiten in Polen, lijkt deze vooralsnog klein. Ten eerste liggen onze fabrieken nog relatief ver van de Pools-Oekraïense grens. Bovendien is Polen lid van de NAVO. Uit onze contacten met collega's daar komt ook geen acute dreiging naar voren. Wel is het natuurlijk zo dat activiteiten grenzend aan oorlogsgebied, zoals we Oekraïne nu toch kunnen noemen, aandacht vragen. Ook met de grote stroom vluchtelingen die Polen de komende tijd gaat ontvangen. Van andere spelers in de business die wel in Oekraïne zelf actief zijn, zoals Cargill en Nutreco, krijgen we mee dat er grote zorgen bij deze bedrijven zijn."

Knoop noemde 2021 een turbulent jaar. Hoe zou u de resultaten zelf omschrijven: teleurstellend of tevredenstellend?
"Ik denk dat het ergens daar tussen in zit. Turbulent geeft het het beste aan. We hebben natuurlijk veel impact van corona gezien, wat een grote invloed heeft gehad op onze medewerkers en de supply chain. Ondanks coronabesmettingen en quarantaines zijn we in staat geweest om het voer op tijd bij klanten te bezorgen. Dat is in mijn ogen een hele goede prestatie. We hebben gezien dat de kostprijs in onze business enorm gestegen is. Deze stijging hebben wij geprobeerd op een eerlijke manier aan de keten door te geven en dat is uitdagend geweest. Uitdagend is in deze context een beter woord dan teleurstellend of tevredenstellend."

U gaf bij de toelichting op de jaarcijfers aan dat het te vroeg is om in te schatten hoe de veestapel zich precies gaat ontwikkelen. Maar wat is het potentieel negatieve effect van een krimp van bijvoorbeeld 10% van de veestapel op de resultaten van ForFarmers?
"Het belangrijkste voor zowel ForFarmers als andere partijen in de keten is om de faalkosten die ontstaan te elimineren. Denk aan onbenutte vrachtwagens, onderbezetting in fabrieken, et cetera. In dat licht gaat het belangrijk worden om samenwerkingen en partnerships aan te gaan. Daarbij is het natuurlijk zo dat geen enkele boer wil betalen voor onze inefficiënties. Dat betekent dus dat wij onze organisatie mogelijk ook moeten aanpassen aan de omvang van de markt. We zijn echter een bedrijf met ambitie en willen het ook in tijden van krimp beter doen dan de markt. Via genoemde aanpak geloven we er stellig in dat we een gezond bedrijf kunnen blijven met een gezonde winstgevendheid."

In het jaarverslag staat dat diverse stakeholders hun zorg hebben geuit tegenover de Raad van Commissarissen over de financiële prestaties en dat deze besproken zijn met de raad van bestuur. Welke partijen hebben zorg geuit en wat was de zorg precies?
"We zien natuurlijk dat sinds dat wij de outlook voor onze resultaten hebben losgelaten, er vanzelfsprekend vragen zijn bij aandeelhouders (waaronder de coöperatie) en analisten. Die vragen zich af: hé wat is hier gaande. Met deze partijen hebben we contact en geven we ook een in onze ogen reële verwachting weer. We geven zo goed mogelijk aan wat incidenten zijn en wat structurele zaken. De hoge prijzen voor grondstoffen en energie zijn volgens ons toch deels incidenteel. Mede in samenspraak bepalen we dan of dit gevolgen heeft voor de strategie van de onderneming. We moeten ook reëel zijn dat we in deze periode, onder meer door marktomstandigheden, minder presteren dan dat wij vanuit strategisch perspectief ambiëren. Daarom evalueren wij op dit moment ook onze strategie."

In gesprek met aandeelhouders probeer je hen binnen boord te houden?
"Zeker. Wij geloven in een mooie toekomst voor de veehouderij, zeker ook binnen Noordwest-Europa. We zien dat wanneer een markt in beweging is - er turbulentie is - er ook weer kansen komen. Er is voor ForFarmers een duidelijke rol weggelegd in dit speelveld met turbulente en onzekere marktomstandigheden. Daarbij gaat het in onze gesprekken met beleggers zeker niet alleen meer over financiële prestaties. Zij eisen ook progressie en prestaties op het gebied van duurzaamheid. Beleggers scherpen daarover hun mandaten aan. Wij werken niet met alleen financiële doelstellingen, maar ook met geïntegreerde duurzaamheidsdoelstellingen. Onze schaalgrootte stelt ons gelukkig in staat om ook op het gebied van duurzaamheidsdoelstellingen, die soms financiële ruimte vragen, goed in te spelen. Daarmee kunnen we agrarische ketens toekomstbestendig maken."

U gaf net de doelstelling aan om ook autonoom te groeien. Dit wordt altijd uitgesproken maar al jaren eigenlijk niet meer gerealiseerd. Is dat streven wel realistisch?
"Als ik kijk naar het cluster Nederland/België hebben we afgelopen jaar,  ondanks een aantal tegenvallers, onze marktaandelen goed kunnen behouden. In lijn met een licht krimpende markt. Ik ben er van overtuigd dat we autonoom kunnen groeien op het moment dat er meer rust op de markt komt. In het afgelopen jaar hebben de klantenbalansen zich in bepaalde segmenten mooi en positief ontwikkeld. Ook onze intensieve focus om de voerpartner te zijn in tal van ketensamenwerkingen draagt bij aan een goed perspectief en legt een goede basis voor de toekomst."

Toch was er in de tweede helft van het jaar een flinke autonome volumekrimp?
"Dat klopt en wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door de warme saneringsregeling in de varkenshouderij. Ook de uitrol van dierenwelzijnsconcepten in het pluimveesegment zorgt ervoor dat individuele bedrijven wat minder voer afnemen. Bovendien rapporteren we Nederland natuurlijk in combinatie met België en daar staan de dieraantallen flink onder druk."

Gaat het volume over de eerste maanden van 2022 stabiliseren?
"Vanaf afgelopen april/mei (2021) zien we de volumes door de warme saneringsregeling onder druk staan (jaar-op-jaar, red). De komende maanden verwachten we voor de afzet van varkensvoeders nog enig effect van deze regeling. Voor de pluimveehouderij en rundveehouderij zijn we echter positiever. De afbouw van de coronamaatregelen gaat leiden tot een herstel van populatie vleeskuikens. De rundveehouderij laat zich wat lastiger voorspellen, maar de hoge melkprijzen kunnen er toe leiden dat veehouders besluiten de productie te verhogen en daarvoor meer krachtvoer te gebruiken. Bovendien zijn wij zeer tevreden over hoe wij technisch op de melkveebedrijven scoren, dat zien we terug aan de loyaliteit van onze rundveeklanten"

Als we kijken naar de afzet van voer in het Verenigd Koninkrijk zien we dat in zeven jaar tijd het volume is gedaald van bijna 3,1 miljoen ton naar ruim 2,4 miljoen ton. Is een dergelijke teruggang in volume niet problematisch en zijn hier nog wel aanknopingspunten?
"Zeker zijn die er. Toen we BOCM Pauls in het VK overnamen in 2012 was er relatief veel volume dat weinig toevoegde aan het resultaat. Er waren veel contracten/prijsafspraken die wel volume brachten, maar welke marge-technisch voor ons erg minimaal waren geprijsd. De mengvoerketen is in het VK natuurlijk ook heel anders georganiseerd. Het land is veel groter en er zijn meer productielocaties. Daarbij zijn er grotere transportafstanden over de weg van grondstoffen naar de fabrieken en voeders naar de klanten. We willen als bedrijf niet alleen maar focussen op volume, maar ook op een passende winstgevendheid. Het betekent soms dat je eerst door een dipje gaat, maar dat je voor de langere termijn wel toewerkt naar een efficiënter bedrijf. Langzaam maar zeker, zien we nu ook dat de brutowinst per ton voer wat oploopt. Dat is een stap in de goede richting."

Werkt een teruggang in het volume voer niet sterk door in de vaste kosten per ton voer?
"Dat is inderdaad de balans die wij in deze markt moeten zoeken, het herorganiseren van de productie zonder dat de vaste kosten per ton teveel oplopen. Toch komen we als onderneming sterker uit zo'n proces, waarin we beter selecteren welke business echt wat toevoegt voor het bedrijf. Het management in Engeland durft op dit vlak écht besluiten te nemen waardoor we het perspectief als positief zien."

Het dividend voor aandeelhouders is onveranderd gebleven. Deze is natuurlijk gestoeld op de resultaten. Is het huidige dividend niveau (€0,29) een vraagteken voor de toekomst, nu de marges onder druk staan?
"Het is de vraag: hoe gaan wij om met onze geldstromen. We investeren fors in onze fabrieken en in interessante overnames. Gezien onze sterke balans willen we ook onze aandeelhouders niet vergeten. Daarom hebben we voor dit jaar gezien dat het verantwoord is een dividend van €0,29 uit te keren, onveranderd ten opzichte van 2020. Dat houdt ook in dat leden/afnemers van de coöperatie FromFarmers, op basis van verdeling in relatie tot het aantal voerequivalenten, een nabetaling van dik €4,50 per ton voer tegemoet kunnen zien. Ons dividendbeleid is dat we 40% tot 60% van de onderliggende winst na belasting aan aandeelhouders uitkeren. Op basis van de jaarcijfers 2021 is dat ongeveer €0,19 per aandeel. Het 'aanvullend' dividend van €0,10 is mogelijk vanwege onze sterke balans. Aangezien het dividend dus afhankelijk is van de jaarlijks fluctuerende onderliggende winst, kunnen we geen uitspraak doen over de hoogte van toekomstige dividenden. Terugkomend op je vraag: de hoogte van het toekomstig dividend is voor elk bedrijf, elk jaar opnieuw een vraagteken. Ook voor ons."

Als we het hebben over overnames, er wordt al vrij lang gesproken over het toevoegen van een zesde land aan het portfolio, denkt u dat dat dit jaar gaat gebeuren?
"We kijken echt met beleid naar overnames. Daarbij zien we dat er veel dynamiek en beweging is in de landen waar we reeds actief zijn, onder meer als gevolg van krimpende dieraantallen. Zie bijvoorbeeld de overname van Coppens diervoeding door De Heus, de samenwerking van ABZ met De Samenwerking. In de huidige markt stellen partijen zichzelf de vraag: hoe gaat mijn toekomst er uit zien en welke rol speel ik daarin? Dit geeft wezenlijk andere bewegingen dan in groeimarkten. Ik kan wel zeggen dat de focus voor dit jaar meer ligt op de landen waar we reeds actief zijn dan bij overnames in nieuwe landen."

Kort over de beursnotering van ForFarmers. De coöperatieve organisatievorm heeft de wind in een tijd van sociaal en duurzaam ondernemerschap ogenschijnlijk in de zeilen. Hein Schumacher vindt dat de tijd van het aandeelhouderskapitalisme achter ons ligt, Wiebe Draijer spreekt bij de Rabobank over de coöperatietoets waaraan geleverde producten en diensten moeten worden gescreend. Bent u nog altijd van mening dat een beursnotering past bij het DNA van een bedrijf dat vroeger coöperatief was?
"We moeten teruggaan naar de vraag: waarom zijn we naar de beurs gegaan? We hebben dit niet gedaan om geld op te halen. Met de groei van het bedrijf werd de vraag gesteld: van wie is deze onderneming op dit moment en hoe zou dat moeten zijn? Daarom is als eerste het vermogen op naam van de leden gezet. Vervolgens werd een handelsplatform in het leven geroepen om deze stukken te kunnen verhandelen. De laatste stap in dit proces is de openbare beursgang geweest."

"Als het gaat over het DNA van een bedrijf snap ik dat er bij een beursgang altijd een bepaalde emotie zit, maar denk ik ook dat de medaille twee kanten heeft. De notering zorgt er namelijk voor dat er geen enkel ander voerbedrijf zo transparant opereert. We communiceren richting boeren over wat wij doen, hoe wij werken, wat wij vinden en hoe we presteren. Afnemers waarderen dat. We hebben natuurlijk hoge pieken gehad, en kampen nu met wat mindere resultaten. Het belangrijkste is: hoe het ForFarmers ook vergaat, kwalitatief goed voer komt gewoon weer in de silo. Bovendien zijn natuurlijk nog een aanzienlijk deel van de aandelen in handen van de coöperatie en de leden individueel. We zijn dus deels coöperatief, deels beursgenoteerd."

Toch kleeft er een wat negatief imago aan een beursgang met beleggers die voor rendement gaan?
"Dat heeft in mijn ogen ook te maken met het gevoel dat beleggers altijd voor korte termijn rendement willen gaan. ForFarmers heeft echt een lange termijn focus welke ook wordt ondersteund door de Raad van Commissarissen en afgestemd met alle aandeelhouders, waaronder de coöperatie. Die lange termijn focus is in het belang van onze klanten en overige stakeholders. Dat we ons niet richten op het korte termijn rendement blijkt ook uit het feit dat wij in 2020 en 2021 liefst €75 miljoen hebben geïnvesteerd in het up-to-date houden van onze eigen fabrieken. Ondanks de uitdagingen in de sector hebben we niet eerder zoveel geïnvesteerd in onze productie locaties. Dat is een teken dat we er zijn voor 'the future of farming'. Het belangrijkste is in mijn ogen, dat we met alle partijen in de sector werken aan een zo efficiënt mogelijke keten. Of dat nu particulier, coöperatief of beursgenoteerd is, dat doel is uiteindelijk voor iedereen hetzelfde."

Heb je een tip, suggestie of opmerking naar aanleiding van dit artikel? Laat het ons weten
boerenbusiness.nl

Stef Wissink

Stef Wissink is redacteur bij Boerenbusiness en schrijft over de actuele marktontwikkelingen op de zuivel- en varkensmarkt. Ook volgt hij de Nederlandse en internationale agribusiness.
Regenradar
Powered by Agroweer

Nieuws ForFarmers

ForFarmers start inkoop aandelen, koers fors hoger

Achtergrond Strategie

ForFarmers houdt kaarten nog even tegen de borst

Nieuws Chris Deen

Nieuwe CEO ForFarmers legt werk voorlopig neer

Analyse Brokprijzen

Mengvoerprijs kan nog behoorlijk dalen

Blijf op de hoogte

Mis niets en schrijf je in voor onze gratis dagelijkse nieuwsbrief