Groenfinanciering ook voor akker- en melkveebedrijf

Agrarische ondernemers krijgen meer mogelijkheden om hun investeringen groen te financieren. In de Tweede Kamer ligt een nieuwe groenregeling voor 2016 ter behandeling. Als deze wordt goedgekeurd, en dit wordt in de loop van dit eerste kwartaal verwacht, dan is groenfinanciering mogelijk voor agrarische natuurbeheer en voor akker- en melkveebedrijven.

‘Al zijn de eisen best pittig’, benadrukt Huub Keulen, directeur van Rabo Groen Bank, in een exclusief interview met Boerenbusiness.nl. ‘Maar groenfinanciering is ook bedoeld voor de vijf tot tien procent meest innovatieve bedrijven die tegen een hoger risico investeren. De lat ligt hoog.’ Voor groenfinanciering kwamen tot dusver vooral windenergie, zonnepanelen, biologische landbouw en de glastuinbouw (Groen Labelkassen) in aanmerking.

Groenfinanciering is ook bedoeld voor de vijf tot tien procent meest innovatieve bedrijven

Bij groenfinanciering, waar vijf banken in Nederland (Rabobank, ABN Amro, ING, ASN en Triodos) voor erkend zijn, profiteren ondernemers van het fiscale voordeel dat de overheid hen biedt. De banken halen het geld op bij groenspaarders. Van een groen krediet kunnen de banken de helft van het rentepercentage als korting aan de investeerder terug geven. Leent een agrarisch ondernemer bijvoorbeeld 5 miljoen euro voor de duur van tien jaar, dan krijgt hij gemiddeld een rentekorting van 0,95 procent. ‘Dat levert hem dus elk jaar een voordeel van bijna 50.000 euro op’, calculeert Keulen.

De groenbanken zijn verplicht 70 procent van het groene spaargeld uit te zetten als groenfinanciering. De maximaal 30 procent aan geld die op de rekeningen blijven staan, kunnen de banken gebruiken in het elkaar beconcurreren met gunstiger voorwaarden voor de aanvrager van het groene krediet. ‘Rabobank heeft in de twintig jaar dat de regeling bestaat voor zo’n zeven miljard euro aan groenfinanciering verstrekt’, aldus Keulen. ‘Daarmee is elk jaar toch gemiddeld zo’n 200.000 ton aan CO2 afgevangen.’

Rabo Groen Bank heeft de laatste jaren mede gepleit voor het breder inzetten van groenfinanciering om meer agrarische ondernemers te prikkelen, zegt Keulen. Dat is grotendeels gelukt. Zo kunnen boeren die agrarisch natuurbeheer voeren met een SNL-beschikking hun bedrijf groen financieren tot 5.000 euro per hectare. Ook de melkveehouders die deelnemen aan een weidevogelproject met FrieslandCampina, de Vogelbescherming en het Wereld Natuur Fonds kunnen zich groen financieren, mits zij daar uiteraard het benodigde certificaat voor hebben.

Nieuw is dat ook akkerbouwbedrijven die agrarisch natuurbeheer voeren aan groenfinanciering kunnen gaan doen. Dit kan als zij een deel van het areaal inruimen voor specifieke natuurprojecten. Voor vijf hectare, maar wel tegen de waarde van de onderliggende grond, benadrukt Keulen de reikwijdte van deze financiering. Voorwaarden voor de groenfinanciering zijn ook een SNL-beschikking of een certificaat van het duurzame programma Veldleeuwerik. ‘Een goed systeem en onafhankelijke certificering en controle’, aldus Keulen over Veldleeuwerik.

Ook de ‘groene top' van de Nederlandse melkveehouderij, zoals Keulen het omschrijft, moet voor groenfinanciering in aanmerking kunnen komen. Dat is theoretisch mogelijk als zij voldoen aan de eisen van de maatlat Duurzame Veehouderij, niveau A. Sommige eisen daarvan zijn voor melkveebedrijven echter onhaalbaar, zoals de eis van een productie van 15.000 kg melk per hectare. Dit betekent, gelet op de gemiddelde productie per koe in Nederland, nog geen twee koeien per hectare.

Elke agrarische sector moet faire kans krijgen voor groenfinanciering in aanmerking te komen

Rabo Groen Bank is in overleg met de andere banken, Stichting Natuur & Milieu, het Centrum voor Landbouw en Milieu en het ministerie van Infrastructuur en Milieu om te kijken of deze eisen kunnen worden versoepeld. ‘We hebben goede gesprekken gevoerd’, vertelt Keulen, ‘maar deze zien we helaas nog niet terug in de voorwaarden van de nieuwe maatlat.’ Knelpunt is dat partijen binnen het overleg de Nederlandse melkveehouderij als intensief beschouwen en dus hoge eisen willen stellen aan ‘groen’.

Keulen is ervan overtuigd dat er uiteindelijk een groenregeling komt die voor vijf tot tien procent van de Nederlandse melkveebedrijven haalbaar moet zijn. Hij wijst op de duurzame inspanningen die de melkveehouderij doet in onder meer het afvangen van ammoniak en het voeren van weidegang. Daar komen onder meer de regels in grondgebondenheid nog bij. ‘Elke agrarische sector moet een faire kans krijgen om voor groenfinanciering in aanmerking te komen’, zegt Keulen resoluut. ‘Dus niet alleen de melkveehouderij, maar ook bijvoorbeeld de pluimveehouderij.’

Wel ziet Keulen graag dat de regels voor groenfinanciering worden vereenvoudigd. Hij wijst bijvoorbeeld op de nieuwe maatlat Veehouderij, die 110 pagina’s ruimte kost om te omschrijven. ‘Ondernemers die in aanmerkingen willen komen voor groenfinanciering moeten aan een waslijst aan regels voldoen. Dat moet toch een stuk eenvoudiger kunnen, zonder overigens aan de eisen te morrelen.’

11 Januari 2016|Interview: Huub Keulen

Reageer